Boekgegevens
Titel: Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897 *
4e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 831 : 4e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204294
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
130
eenvoudig zijne naainteekening plaatst, is de uitdrukking blij-
ven voortleven, echter in figuurlijken zin. Ze beteekent nl. :
iets goedkettreyi, adhaesie schenken aan eene zaak
103. Iemand in de maling nemen
beteekent: iemand voor den gek houden, een loopje met hem
nemen. De uitdrukking is ontleend aan het slingeren, een
kinderspel, 't welk vroeger öoc/ïicn genoemd werd. Van eenen
knaap, door '/A]ne slingerende kameraden omsingeld, zei men.
dat hij in de maling genomen was. Aan hem, die in den
kring sprong, ten einde de knapen uiteen te drijven en den
omsingelde te verlossen, zei men. dat hij in de bocht sprong.
De uitdrukking voor iemand in de bocM springen wil zeggen;
iemand te hulp kon\en, iemands zaak verdedigen, voor iemand
in de bres springen.
104. Iemand in ootje nemen.
In beteekenis komt deze uitdrukking overeen met de vorige.
Ook zij wil zeggen : iemand voor den gek houden, hem eene
poets spelen. Het woord ootje doet denken aan eenen ron-
den kring, waarbinnen men iemand opgesloten houdt,
lOo. Van den hak op den tak springen.
Deze uitdrukking beteekent hetzelfde als van den os op
den ezel springen 'Zie No. 35). Als men weet, dat hak in
bovenstaande uitdrukking staat voor ÄaAe of/iaa/v (= kromme
tak) en dus synoniem is met tak. dan vat men licht, dat
men van iemand zegt, dat hij van den hak op den tak
springt, als hij van het een op het ander springt, als hij
vaak van plannen verandert, als hij niet standvastig is.
106. Er is eene kink in den kabel.
Als bij 't opwinden van eenen kabel (scheepstros, anker-
touw) daarin eene kink (knoop of draai) ontstaat, veroorzaakt