Boekgegevens
Titel: Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897 *
4e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 831 : 4e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204294
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
104
anderen dragen; hoeten, 't zij voor't geen men met anderen
misdreven heeft, "t zij voor datgene, waaraan alleen anderen
schuld hebben en wel zoo, dat dezen vrij blijven ; er voor
opdraaien.'' Gelag, de stam van het oude w. w. geliggen =
samenliggen, beteekende oorspronkelijk eene verzameling van
bij elkaar liggende voorwerpen; vervolgens de som der in-
leggelden, door eenige personen bijeengebracht met het doel,
om zich aan eten of drinken te goed te doen. De eigenlijke
beteekenis van bovenstaande uitdrukking is dus de vertering
betalen, 't zij zijne eigene, 't zij ook die van anderen, met
wie men in gezelschap is geweest.
19. Een hard gelag.
Gelag in deze uitdrukking komt van 't oude geliggen,
eigenlijk een versterkt liggen, maar opgevat in den zin van
gelegen zijn. Vooral kwam geliggen figuurlijk voor en betee-
kende dan :
Zus of zoo gelegen, d. i. gesteld zijn. Zoo kreeg gelag de
beteekenis van toestand, gesteldheid, lot; in dien zin wordt
het thans nog gebezigd en wel in ongunstige opvatting,
inzonderheid verbonden met hard; een to-rf jetojr beteekent
dus een hard lot, eene harde noodzakelijkheid.
20. Den Augiasstal reinigen.
Met .Augiasstal wordt een vuil, bijna onuitvoerbaar werk
bedoeld. — Augias, koning van Elis, had eene kudde van
.31)00 runderen, waarvan de stallen in 30 jaar niet gereinigd
waren. Hercules nam aan, ze in éénen dag te zuiveren,
welk reuzenwerk hij volvoerde, door eenen arm van de rivier
I'eneus door de koninklijke stallen heen te leiden, waardoor
deze in weinige uren schoon gespoeld werden.
21. Oude paai.
Zoo noemt men een oud man. die weinig geacht wordt.