Boekgegevens
Titel: Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897 *
4e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 831 : 4e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204294
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
102
werk teekende eii waarmee hij aizoo het slot aanduidde.
Met die kroon werd dus 'twerk als het ware besloten.
Thans gebruiken we de uitdrukking in den zin van: aa^i
eenig werk de laatste hand leggen; het voltooien.
13. In den haak zijn.
Om te onderzoeken, of twee lijnen een rechten hoek
vormen, m. a. w. of twee latten, planken, muren enz.
rechthoekig in of op elkander sluiten, gebruikt de timmer-
man eenen haak. Past deze daarbij, dan is 'tin den haak,
dan is het timmerwerk hoeksch, dan is 't in orde. In 't alge-
meen nu zegt men van iets, dat volkomen in orde is, ook
wel: His in den haak.
14. Iemand een hart onder den riem steken.
Deze uitdrukking beteekent: iemand moed inspreken. Hart
staat hier voor moed, en met riem wordt de oorlogsriem
bedoeld. In: »'t hart zonk hem in de schoenen," heeft
hart eveneens de beteekenis van moed. En hoe is het in
'tvolgende puntdicht?
»Zij liegen 't. die verklaren. Dat Dirk geen hart en heeft:
In allerlei gevaren Gevoelt hij, dat het leeft
En als de popelblaren Van 't minste windje beeft."
C. riuvtJENs.
15. Aan (op) de kaak stellen.
Eene kaak was eene verhevenheid, een steenen pilaar,
waarop men den misdadiger te pronk zette. Deze werd,
opdat hij niet vallen zou. met ringen aan den muur be-
vestigd. liet stuk muur nu met ringen, banden enz. maakte
als 'tware een deel van de kaak uit; de misdadiger stond
niet alleen op, maar ook aan de kaak. Op tal van plaatsen
was de kaak eene ton; daar was dus 02> tfe/caa/c gebruikelijk.