Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
550
Fior. 300.
Hoofd-
verschijn-
sel door
een
vlakken
spiegel.
Symme-
trie van
het beeld
en het
voor-
werp.
in loodregten stand voor hem. Dan is de punt van het kruis
met een boog van 45 graden van den spie-
gel verwijderd en zal zich zoo afbeelden,
dat zij van het achtervlak des spiegels zich
met een even grooten boog verwijderd ver-
toont. liet beeld van het regtop staande voor-
werp heeft daarom in den hellenden spie-
gel een liggenden stand.
Wanneer men daarentegen, zoo als in 2,
aan het voorwerp een liggenden
stand geeft, dan vertoont zich het
beeld regtop staande. En rolt men
voor den hellenden spiegel op de opper-
vlakte der tafel een bal of een potlood van
hem af of naar hem toe, dan moet ook het
beeld van het zich bewegende ligchaam in beweging zijn en
schijnt loodregt op en neer te rollen.
De beelden, door hetoogin eenvlakken spie-
gel gezien, schijnen even ver achter de opper-
vlakte van den spiegel te liggen, als het voor-
werp er voor ligt, en hebben met hetvoorwerp
gelijke grootte en gedaante.
P r O e f Het beeld van de regter zijde van een voorwerp,
b. v. van de regter hand des waarnemers, moet zich tegenover
deze vertoonen; maar aan een tegen ons over staanden mensch
ligt de linker tegenover onze regter hand. In vergelijking met
een werkelijk voorwerp is daarom aan het beeld de regter zijde met
de linker verwisseld. Plaatst men zich voor den spiegel, terwijl
men met de regter hand s c h r ij f t, dan schijnt het beeld met de
linker te schrijven. Brengt men een open geslagen boek voor
den spiegel, dan kan men het afgespiegelde schrift niet lezen,
omdat het links liggende begin der regels en de linker zijde der
afzonderlijke letters zich regts afbeelden. Men keere de binnenste
vlakte der linker hand naar den spiegel toe en beschouwe