Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
539
dezen afstand geplaatst heeft, zal het schrift weder helder ge-
noeg zijn om gelezen te worden. Op den dubbelen afstand lich-
ten bij gevolg vier kaarsen even zoo sterk als één kaars op den
enkelvoudigen afstand; op drievoudigen afstand zou men
negen kaarsen, op den viervoudigen zestien kaarsen
moeten aansteken, om eene even sterke verlichting te ver-
krijgen.
Proef b. Een vierhoekig stukje papier van een duim lengte Afne-
en breedte worde met was aan een ijzerdraad vastgekleefd , en
op een duim afstands van eene kleine kaarsvlam loodregt ge- sterkte
houden. Daarachter zette men op tweemaal zoo grooten ^
afstand van de lichtbron een grooter stuk wit papier loodregt
op, dat tegen een overeind staand boek kan steunen. De scha-
duw vertoont zich grooter, dan het schaduw werpende vlak, dat
een vierkanten duim groot is ; het licht, hetwelk thans op het
vlak valt, dat een duim verwijderd is, zou zich dus op twee
duimen afstands verder uitgebreid en een grooter vlak beschenen
hebben, en wel het zelfde vlak, waartoe het thans niet geraken
kan en dat derhalve met schaduw bedekt is. Meet men de scha-
duw, dan vormt zij een twee duim langen en een even zoo bree-
den vierhoek en beslaat eene ruimte van vier vierkante duimen.
De zelfde hoeveelheid licht, die op enkelvoudigen afstand op
één vierkanten duim valt, zou zich op dubbelen afstand over
een viermaal zoo groot vlak uitgebreid hebben, en aan iederen
afzonderlijken vierkanten duim slechts het vierde deel der ver-
lichting ten deel gevallen zijn 1).
1) Wanneer men deze proef herhalen wil, dan zal men, voorde
duidelijkheid zoo wel als om het eerst het papiervlak niet al te digt
bij de kaarsvlam te moeten houden, wel doen door de uitdrukking
„duim" hier in eenigzins overdragtelijken zin op te vatten en wat
hier zoo genoemd wordt ten minste gelijk 3 duimen te nemen. Om
de eenvoudigheid van het betoog niet te benadeelen, is dit in den
tekst niet geschied.
Ln.