Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
529
triseerde ligchamen geven helder lichtende vonken, en stuk- Blek-
ken kool, waar tusschen de elektrische lichtboog is voortgebragt, jjJfj^j'l
geven het elektrisch licht, dat ieder ander kunstlicht, ook het
kalklicht, in glans overtreft (§ 215). 4) Eene vierde klasse van
lichtgevende ligchamen vormen de phosphorescerende stof- Phospho-
fen- br^Ia^"
P r O e f Zi, Wanneer men in 't donker een lucifer langzaam zame ver-
en onder geringe drukking met de hand strijkt, dan gloeit het branding,
knopje en het gestrekene deel der hand; tevens ziet men een
witten rook opstijgen. Een deel van den p h o s p h o r u s, die
zich in het knopje van den lucifer bevind, verbrandt daarbij
uiterst langzaam en zonder aan de hand voelbare warmte mede
te deelen.
Zulke ligchamen, die, gelijk de phosphorus , zonder merk-
bare toeneming van warmte in het donker eene
zwakke lichtschemering verbreiden , noemt men phos-
phorescerende stoffen. Het verschijnsel van het phosphoresce-
ren wordt bij langzame verbranding, aan lichtgevende dieren
bij het wrijven en in het liggen in de zon en het gloeijen van
sommige stoffen waargenomen. Eottende dierlijke en
plantaardige stoffen, zoo als verrot wit hout, glim-
men dikwijls in den nacht, omdat zij zich in eene langzame
verbranding bevinden. Zoo dikwijls zich het lichten der zee als
een phosphorachtig verschijnsel vertoont, dat zich over zijne
geheele oppervlakte uitbreidt, heeft het zijnen grond in het
lichten van rottende visschen en andere zeedieren; somwylen
echter licht de zee ook inwendig in ontelbare punten, en wan-
neer men dan van het schip eenen emmer neerlaat en van het
zeewater schept, dan bevinden zich daarin honderden van kleine
lichtende dieren, die tot de m o 11 u s k e n (weekdieren) behoo-
ren. Ook andere dieren verbreiden in den nacht een phosphor-j^'^!"^®"^
achtig licht. Ons glimwormpje schittert met zwavelgeel
licht; men ziet het in de nachten der eerste warme maanden,
reeds van het begin van Mei af, op de weiden glimmen en