Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
762
volgende, en ieder ligchaam aan dat, 't welk het onmiddellijk
aanraakt, warmte mede. Maar de warmte van het een of ander
voorwerp kan zich ook aaneen verwijderd ligchaam mee-
deelen , zonder dat de ligchamen , die zich daartusschen bevin-
den, verwarmd worden.
Proef a. Plaatst men zich voor het vuur van een open
haard, dan gevoelt men aan de hand of het gezigt eene bran-
dende hitte. En toch is de lueht, die zich tusschen het vuur en
den waarnemer bevindt, geenszins in zulken graad verwarmd.
Men houde een scherm, een blad papier tusschen de warm-
tebron en het gezigt. Oogenblikkelijk is daardoor het gevoel van
warmte weggenomen, 'tgeen het geval niet zou kunnen zijn,
indien de lucht van den omtrek zoo verwarmd was; maar bij
het wegnemen van het scherm wordt het even zoo schielijk we-
der hersteld. Daar het scherm, dat in regte lijn tusschen het
vuur en het ligchaam gehouden wordt, de warmte terug houdt,
zoo volgt, dat de warmte van het vuur af, door de lucht heen>
in re'gte lijn haren weg tot aan den waarnemer genomen
heeft.
Gelijk de regte weg van het licht een lichtstraal (§ 289) heet,
zoo noemt men den regtlijnigen weg der warmte
eenen warmtestraal, en deze regtlijnige wijze van ver.
breiding der warmte warmtestraling. Doch warmtestralen
gaan niet enkel van helder lichtende ligchamen uit, maar ook
van donkere, niet lichtende.
Proef h. Men brengt de vlakke hand in de nabijheid eener
heet, doch niet gloeijend gestookte ijzeren kagchel. De hand
zal het gevoel der warmtestralen hebben, maar het verliezen
zoodra er een scherm tusschen deze en de kagchel gezet wordt.
Proeft". Een ijzeren pot zij met kokend water gevuld;
hij zendt aan deihand duidelijk waarneembare stralen toe. De-
wijl echter het gevoel zou kunnen bedriegen, en een gewone
kwikthermometer niet gevoelig genoeg is, zette men in de na-
bijheid van den pot den toestel, in proef 360 opgegeven, die,