Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
746
Water-
stands-
buis.
Manome-
ter.
heel tot den gewonen stand des waters; de buis der iets lager
geplaatste waterkraan raakt met hare opening het wa-
ter in geval dit hoog genoeg staat. Dan stroomt er uit de ge-
opende stoomkraan stoom en uit de onderste kraan water. Staat
het water in den ketel te hoog, dan stoomt er uit de beide
kranen water, en staat het te laag, uit beiden stoom.
3. De waterstandsbuis is eene loodregte buis TT* van
dik glas, buiten den ketel. Zij is van
boven en van onderen in metalen bui-
zen stoomdigt bevestigd, van welke de
bovenste met den stoom, de onderste
met het water in den ketel gemeen-
schap heeft. Zoo hoog het water in den
ketel staat, zoo hoog staat het ook iu
de waterstandbuis (§ 85).
4. De manometer. Om de spankracht van den stoom in
Fig. 433.
Fig. 434.
den ketel te meten, bevestige
men aan den zijwand van dezen
eene hevelvormig gebogene, van
boven opene glazene buis ABC,
welke met kwik gevuld en van
eene schaal in duimen voorzien
is. Staat het kwik in beide ar-
men der buis even hoog, dan is
de drukking van den stoom even
groot als de drukking van den
dampkring; stond het kwik in
den längeren arm 76 duim hoo-
ger , dan zou de spankracht van
den stoom tweemaal zoo groot
zijn als de drukking van den
dampkring (§ 120), hij zou de
spankracht van twee dampkrin-
gen hebben. Daar zulk eene