Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
264
Fig. 424.
uitvinding van een middel om den stoom te verdigten, zonder
den cilinder af te koelen.
Eene proef bragt hem op de gedachte om den stoom in
een afzonderlijk vat te verdigten. Hij had eene
flesch (1) ten deele met water gevuld, leidde uit hare door-
boorde kurk eene buis door de kurk eener andere, ledige flesch
en bragt bovendien deze tweede flesch door eene benedenwaarts
voerende buis van de lengte eener barometerbuis met de damp-
kringslucht in gemeenschap. Werden nu beide flesschen verwarmd,
dan ontwikkelden zich uit het water dam-
pen , vulden de flesschen en verdrongen de
lucht uit den toestel. Daarop dompelde hij de
naar beneden voerende buis in een bakje met
kwik , maar de beide flesschen in koud wa-
ter; terstond werden de dampen verdigt, er
ontstond eene ledige ruimte, en de drukking
der lucht dreef het kwik in de lange buis
omhoog. Thans verwarmde hij wederom de
beide flesschen, tot de dampen het kwik ge-
heel naar beneden gedrukt hadden; doch in
plaats van, zoo als te voren, beide flesschen
af te koelen, zette hij slechts de eene, onverschillig de eerste
of de tweede, in koud water, en zie, de dampen werden even
zoo verdigt en het kwik steeg even zoo hoog als te voren. Wordt
een gedeelte der met damp (stoom) gevulde ruimte kouder, dan
heeft hier eene verandering van den stoom in water en tevens de
vorming van eene ledige ruimte plaats; wegens hun streven
om zich uit te breiden stroomen echter oogenblikkelijk dampen
toe, worden eveneens koud en drupvormig vloeibaar, en de
geheele dampmassa wordt door hare spankracht iu snelle op-
volging in de koude ledige ruimte gevoerd en daarin verdigt.
Zoo had Watt de wet gevonden, dat de stoom in eene
beslotene ruimte den vorm aanneemt, welke
met het koudste gedeelte daarvan overeenkomt.