Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
679
Fig. 393. buis, dan ziet men het water aan den
eenen wand opstijgen, aan den ande-
ren neerzinken.
Eene toepassing van de eireulatie
des waters is de verwarming met
warm water, die in Engeland veel
wordt aangewend. In de benedenverdie-
ping van het gebouw is de rondom ge-
slotene ketel geplaatst, waarin het wa-
ter verwarmd wordt. Uit het boven-
ste gedeelte daarvan gaat eene wijde
buis, de hoofdbuis, loodregt omhoog naar de hoogere verdie-
pingen ; zijwaarts worden uit deze buis horizontaal liggende bui-
zen door de te verwarmen kamers geleid, en van deze eene buis
benedenwaarts naar de onderste deelen van den ketel. Het geheel,
namelijk de ketel met al zijne buizen, wordt door de bovenste ope-
ning der hoofdbuis met water gevuld. Zoodra het water in den
ketel verwarmd wordt, stijgt het in de hoofdbuis op, terwijl uit
de andere benedenwaarts voerende buis kouder water in den ke-
tel dringt; maar uit de hoofdbuis stroomt de verwarmde vloeistof
door de zijbuizen en verwarmt de ruimten door welke deze heen-
gaan.
386. Het opstijgen der verwarmde lucht.
Proef n. Eene smalle, twee duim lange strook bladgoud
plakke men , om ze gemakkelijk in de hand te kunnen houden,
met het eene einde aan eene strook schrijfpapier en brenge ze
boven de vlam eener aangestokene kaars, zoodat de strook op
den afstand van eene handbreedte er boven zweeft. Zij zal plot-
seling omhoog fladderen, daar zij door de uitgezette en ligter
gewordene lucht, die boven de vlam opstijgt, omhoog gedreven
wordt. Het zelfde geschiedt wanneer men in den winter de
strook digt bij het bovenste gedeelte der kagchel houdt.
Proef b. Van dun postpapier worde een cirkelrond stukje
van de grootte eens rijksdaalders gesneden en tot een spiraal-
cr. naï. 44,
Water-
verwar-
miDg.
Opstij-
gen van
ver-
warmde
laeht.
De dan-
sende
slang.