Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
640
Boog-
vorm
door de zon beschenene daauwdruppels vertoont zich voor het
oog de eene rood, terwijl een droppel, die zich op eene lagere
plaats bevindt, zich in violette of eene andere der zeven pris-
matische kleuren vertoont. Heefl men echter eene uitgestrekte
regenwolk voor zich, dan bevinden er zich droppels genoeg
boven elkander, om te zamen alle kleuren van den regenboog
te vertoonen. Yan de hoogste droppelen komen hunne onderste
roode stralen in het oog, terwijl de overige, onder welke de
violette geteekend is, er voorbij gaan. Omgekeerd vertoonen
zich de drop-
^^S- p^ig^ op de
binnenzijde
van den boog
violet, en de
overige er
van uitgaan-
de stralen,
b. V. de ge-
teekende roo-
de straal, tref-
fen het oog
niet.
Maar van waar de cirkelboog vormige gedaante van den regen-
boog? Blijkbaar moeten die regendroppelen, welke zich in de zelfde
kleur moeten voorstellen, ten opzigte van de zon en ten opzigte
van het oog des waarnemers eene gelijke ligging hebben. Alle
boog. uittredende roode stralen vormen met de zonnestralen den
zelfden hoek; want bij verandering van den hoek wordt ook
de kleur veranderd. Maar tevens moeten de uittredende stra-
len allen de rigting naar het oog toe hebben, want anders
worden zij niet waargenomen. Eene zoodanige ligging hebben
echter slechts de in eenen cirkel liggende droppels.
De waarneming leert, dat eene regte lijn, van de zou
door het oog van den waarnemer getrokken