Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
639
in de plaats van het zomerlandsehap. Ondertusschen wordt in
de eerste lantaarn een nieuw beeld geschoven , dat naderhand
in de plaats van het in nevel verdwijnende winterlandschap treedt
en later weder door een ander beeld der tweede lantaarn ver-
vangen wordt. In plaats van , zoo als wij vooronderstelden, de
lampen in de lantaarns zeiven telkens meer of minder licht te
doen geven, om de lich'tsterkte der beelden te wijzigen, brengt
men dit uitwerksel liever te weeg, door de opening der lens van
elke lantaarn, dat is de middellijn van' het werkende, niet door
een ondoorschijnende plaat bedekte deel daarvan, te vergrooten
of te verkleinen. Na deze beelden wordt menigmaal het met den
naam van chromatropen bestempelde lijnen- en kleurenspel chroma-
vertoond. Twee ronde glasschijven zijn met regelmatige, ster- tropen,
vormige figuren beschilderd; zij bevinden zich achter elkander
op die plaats in de tooverlantaarn, welke anders de beschilderde
glasreepen innemen, en laten zich om eene gemeenschappelijke
as, maar in tegengestelde rigtingen omdraaijen. Door hare snel-
lere of langzamere omdraaijing ontstaan in het beeld op de gor-
dijn rosetten en sterren ia gestadige afwisseling en eene bonte,
het oog verlustigende kleurschakering.
344. Het zonnemikroskoop en het hydro-oxygenium- ^onne-
gas-mikroskoop. De beeldmikroskopen stellen op een wit mikros-
scherm sterk vergroote, voor vele toeschouwers zigtbare beelden koop.
van zeer klfine voorwerpen voor, en wel, gelijk de tooverlan-
taarns, in een voor 't overige donker vertrek.
Bij het zonnemikroskoop geschiedt de verlichting van het
kleine voorwerp door het zonnelicht; voor de opening in een
vensterluik is een vlakke spiegel S aangebragt, welks stand
zich uit de kamer door eene schroef laat veranderen. Hij wordt
zoo geplaatst, dat hij de op hem vallende zonnestralen door de
opening van het luik in de kamer werpt. Maar in de opening
is eene buis met eene bolle verlichtingslens B ingezet.
deze vereenigt de op haar vallende stralen in haar brandpunt en