Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1861
2e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 174 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204279
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
622
horizontaal, en voor het beschouwende oog verkeerd ingeschoven;
zij vertoonen zich in den schuinen spiegel volgens §309 c regt
en, door de loupe beschouwd, vergroot, zoodat zij zich
in hare natuurlijke grootte vertoonen.
Het kos naast elkander geplaatste groote kijkkasten noemt men
morama. wel een kosmorama. Zijne afbeeldingen moeten, ofschoon in
verkleinden maatstaf, toch trouw naar de natuur geschilderd
zijn; zij stellen belangwekkende natuurtooneelen van vreemde
landen en werelddeelen voor en leveren voor de aardrijkskunde
leerzame beschouwingen op.
In het diorama en panorama daarentegen vertoonen
de schilderijen zeiven de voorwerpen reeds in de natuurlijke
grootte. Het panorama is eene ronde schilderij, cirkelvor-
mig om den toeschouwer geplaatst; het gezigt op eene stad,
eene haven of een landschap is van een hoog gelegen standpunt
zoo geschilderd als het zich voor het naar alle zijden ziende oog
vertoont. In eene ronde tent opgehangen en van boven af door
het daglicht beschenen, maakt het tafereel op den beschouwer,
die van binnen op eene galerij staat, den zelfden indruk als of
hij de afgebeelde voorwerpen zeiven zag. — In het diorama
wordt het oog slechts een gedeelte van een gezigt, door een
raam, gewaar, ten naasten bij zoo als het door een venster
gezien zich zou vertoonen. De schilderij is doorschijnend en
ontvangt haar licht door een venster , waarvoor het wordt opge-
hangen ; tusschen haar en het venster zijn verscheidene scher-
men van verschillende kleur en lichtschakering aangebragt en
kunnen zoo geordend en zamengesteld worden, dat de eene of
andere bedoelde verlichting of diepe schaduw op het beeld valt,
al naar dat een helderen hemel, zonneschijn of donkere wolken zich
moeten vertoonen. De Vesuvius bij het opgaan der maan of het
inwendige van eene domkerk, eerst donker en dan helder ver-
licht, zijn voorwerpen voor een diorama.
342. De camera obscura en de daguerreotypen. De