Boekgegevens
Titel: Verzameling van voorstellen ter oefening in de algebra
Deel: III
Auteur: Bolderman, H.J.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1889
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1324 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204273
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van voorstellen ter oefening in de algebra
Vorige scan Volgende scanScanned page
es
48
41) Hoeveel kogels bevat een driehoekige piramidale kogelsta-
pel, die 171 kogels in elk zjjvlak heeft?
42) Hoeveel kogels liggen in eenen langwerpigen kogelstapel,
die N kogels in de langste en n kogels in de kortste zjjde
van het grondvlak heeft ?
43) Hoeveel kogels bevat een langwerpige kogelstapel, die m
kogels in den rug en n kogels in de kortste zijde van het
grondvlak heeft ?
44) Hoeveel kogels bevat een afgeknotte vierhoekige kogelsta-
pel , die in iedere zjjde van de onderste laag 36 en in iedere
zijde van de bovenste laag 13 kogels heeft ?
45) Hoeveel kogels bevat een afgeknotte driehoekige stapel,
die in iedere zijde van de bovenste laag 10 en in iedere
zijde van de onderste laag 25 kogels heeft ?
46) Een onvolledige langwerpige kogelstapel heeft in de zijden
van de bovenste laag 16 en 12 en in de langste zijde van
de onderste laag 40 kogels. Hoeveel kogels bevat deze
stapel ?
47) Een onvolledige vierhoekige kogelstapel bevat nog 12 lagen
en in de zijde van de onderste laag zjjn 30 kogels. Hoe-
veel kogels zijn er nog in dezen stapel ?
48) Een onvolledige langwerpige kogelstapel heeft 8 lagen en
in de zijden van het grondvlak 35 en 12 kogels. Hoeveel
kogels bevat deze stapel ?
49) Hoeveel kogels zal men overhouden, als men van 900 kogels
den grootst mogelijken vierhoekigen pirainidalen stapel wil
maken ?
50) Hoeveel kogels moet men in elke zjjde van het grondvlak
leggen, als men uit 500 kogels den grootst mogehjken
vierhoekigen piramidalen stapel wil maken ?
51) Hoeveel kogels moet men in de langste zijde van de grond-
laag leggen om uit 700 kogels den grootsten langwerpigen
stapel te maken , die 10 kogels in de kortste zijde van de
grondlaag heeft ?
52) Hoeveel kogels zou men in de kortste zijde van het grond-
vlak moeten hebben om uit 700 kogels den grootsten lang-
werpigen stapel te maken , die 15 kogels in de langste zijde
van de grondlaag heeft ?
53) Bewijs dat 1« + -f 3^ + enz. tot #
(1 + 2 -f 3 -(- enz. tot ra)2 is.