Boekgegevens
Titel: Verzameling van voorstellen ter oefening in de algebra
Deel: III
Auteur: Bolderman, H.J.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1889
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1324 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204273
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van voorstellen ter oefening in de algebra
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
32) Bereken log. 4 (1) log. 6, log. 8 , log. 9, log. 12, log. 14,
log. 16, log. I, log. 0,6, log. 0,08, log. 5, log. i, log. i,
log. 0,125, en log. 0,3 , als gegeven is log. 2 =r 0,30103,
log. 3 =r 0,47712 en log. 7 =: 0,84510.
33) Als gegeven is log. 1,05 = 0,02119, hoe groot is dan
log 105 , log. 10500 , log. 10,5 en log. 1050000 ?
34) Als log. 1045 = 3,01912 is, hoe groot is dan log. 1,045;
log. 0,01045; log. 0,1045 en log. 0,00001045?
35) Als log 3476 = 3,54108 is, hoeveel is dan log. 0 03476;
.log. 0,3476 ; log. 0,0003476 en van welk getal is dan de
logarithmus 4,54108—10?
36) Als log. 2135 3,32940 en log. 2135,1 = 3,32942 is,
hoe groot is dan log. 2135,2; log. 2135,3 en log. 2135,75
37) Als log. 1426 = 3,15412 en log. 1427 = 3,15442 is.
hoeveel is dan log. 1426,3; log. 1426,07 en log, 1426,28?
38) Als log. 1105 = 3,04336 en log. 1106 = 3,04376 is, hoe-
veel is dan log. 1105,6; log. 111)5,05 en log. 1105,35 ?
39) Als log. 2203 3,34301 is en met 20 honderdduizendsten
aangroeit, indien 2203 een geheel grooter wordt, hoe groot
is dan log. 2203,85.
40) Als log, 9999 = 3,99996 is, hoe groot is dan log. 9999,5;
log. 9999;33 en log. 99,9975 ?
41) Als log 2207 = 3,34380 en log. 2208 = 3,34400 is, van
welk getal is dan de logarithmus 3,34394 ; van welk getal
3,34381; van welk getal 3,34395 en van welk getal 3,34389?
42) Als log. 3256 3,51'268 en log 3257 = 3,51282 is, hoe-
veel is dan num log. 3,51275 ?
43) Als log. 4106 = 3,61342 is en met 10 honderdduizendsten
aangroeit, indien 4106 met een aangroeit, hoe groot is dan
num log. 3,61345; num log. 3,61347; num log. 3,61349 en
num log. 2,61343 ?
44) Indien het getal 1105 met een aangroeit, wordt zijn log.
40 honderdduizendsten grooter, hoe groot is dan log.
1105,73, als log. 1105 = 3,04336 is ?
45) Als gegeven is log. 3864 = 3,58704 en log. 3865 = 3,58715 ,
vraagt men log. 3864,75, log. 3865,89 en num log. 3,58713.
46) Zoek in uwe tafel log. 1765; log. 3984; log. 173; log.
(1) Door log. zullen wij in het vervolg Briggiaansche logarithmen aan-
duiden.