Boekgegevens
Titel: Gedichten, bijzonder voor de declamatie
Auteur: Immerzeel, Johannes
Uitgave: Zutphen: A.E.C. van Someren, 1838
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 398 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204266
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedichten, bijzonder voor de declamatie
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 61 —
Of reest door eigen veérlsraeht weêr.
Wie telt hen, die het leven waagden.
Als ramp en nood ten bloedstrijd daagden
In 't wedperk van verheven trouw?
Maar zaagt ge aan 't hoofd niet van uw Helden
In Waterloos en Nieuwpoorts velden
De Teelt van 't glorierijk Nassau?
Steeds blonk in uw regtsehapen Telgen
Een teedre liefde, een geestdrift uit.
Door vreemd gezag niet uit te delgen.
En nooit op valseben roem vertuit.
Wat heldenkracht zij deden blijken
In 't worstlen tegen koningrijken,
Was uwe Leeuwbanier ontplooid, —
Dat proefde eens Spanje in bittre teugen.
Dat zal het Lelierijk steeds heugen,
En Chattams strand vergeet het nooit.
Maar doet gij 't hart het hoogst dan zwellen,
O Liefde voor het Vaderland!
Als vreemde kluisters bloedig knellen.
Of 't krijgsvuur rondvlamt om uw strand,'
Gij toont ook dän uw zaebt vermogen
Als 't heilig Erf, den nood onttogen,
In palmenlommer rusten mag:
Dan doet gij kunst en kunstvlijt bloeijen.
Maar 't hart vooral erkentlijk gloeijen.
Kaast God, voor 't wettig Landsgezag.
Vreemd van uw' invloed moet dan heeten,
Wie hier, het hart met ijs omkorst.
Den heilgen eerbied durft vergeten.
Verschuldigd aan den besten Vorst.
Bij God! hij is geen vaderlander,
Wie hier d'onschatbren eendragtsstander