Boekgegevens
Titel: Elementaire algebra voor lager en middelbaar onderwijs: handboek ten dienste van allen, die zich aan een examen in de wiskunde wenschen te onderwerpen
Auteur: Brogtrop, A.J.M.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2318
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204252
Onderwerp: Wiskunde: analyse: algemeen (wiskunde)
Trefwoord: Algebra, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Elementaire algebra voor lager en middelbaar onderwijs: handboek ten dienste van allen, die zich aan een examen in de wiskunde wenschen te onderwerpen
Vorige scan Volgende scanScanned page
-187
lallen zich nagenoeg verhouden als de verschillen
dier Iwee paar gelallen, en wel des Ie nauwkeuriger,
hoe grooler die gelallen zijn en hoe minder zij van
elkander verschillen.
Deze eigenschap slell ons in slaal uil een logarilhmenlafel voor
gelallen van 4 (üjlers, de logarithmen at' Ie leiden voor gelallen
van 5 en meer cijfers.
Bepalen wij den logarilhmus van 10467.
Dil gelal ligt lusschen 10460 en 10470, welker manlissen over-
eenkomen mei die van 1046 en 1047 en dus in de tafel slaan.
Log. 10460 = 4,01058; log. 10470 = 4,01995.
De getallen 10460 en 10470 verschillen 10, hun logarilhmen
0,00042.
10460 en 10467 verschillen 7, d. i. van hel Ie verschil,
dus verschillen hun logarilhmen, volgenshovenslaandeeigenschap
T?5 van 0,00042, d.i. 0,000294.
Log 10467 is derh. 4,01953 + 0,00029 = 4,01982.
Dm de laalsle twee decimalen »29" Ie bekomen, die bij de
manlisse van 10460 moesten opgelelil worden, hadden wij van
42 Ie nemen.
In de rubriek evenredige deelen slaal ondei' 42 naasl 7 dal
gedeelte van 42 berekend.
Vooi- hel getal 10465 zouden wij van 42 noodig gehad heb-
ben, d.i. volgens dal tafellje 21, om het op Ie lellen bij de laalsle
decimalen der manlisse bij 10460 behoorende, 4,01953 + 0,00021
of 4,01974 is daarom de log. van 10465.
Voor het getal 10469 moeten wij van 42 of volgens het
tafeltje 37,8 optellen bij de laalsle dirimalen der manlisse 01958,
maar omdat 37,8 dichter bij 38 dan hij 37 ligt, vermeei'deren wij
die manlisse met 38. Zoodoende is 4,01991 de log. van 10469.
In sommige tafels staat ook in de rubriek »evenredige deelen"
38 in plaats van 37.
Onder hel laatste decimaalcijfer van de manlisse, dat volgens
het voorgaande wel eens te hoog kan genomen zijn, vindt men in
sommige tafels ook het minteeken staan, aldus: 01991.
Om den log. van 104607 te bepalen, welk getal tusschen de