Boekgegevens
Titel: Elementaire algebra voor lager en middelbaar onderwijs: handboek ten dienste van allen, die zich aan een examen in de wiskunde wenschen te onderwerpen
Auteur: Brogtrop, A.J.M.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2318
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204252
Onderwerp: Wiskunde: analyse: algemeen (wiskunde)
Trefwoord: Algebra, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Elementaire algebra voor lager en middelbaar onderwijs: handboek ten dienste van allen, die zich aan een examen in de wiskunde wenschen te onderwerpen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Heet een winst positief, dan is een verlies negatief; noemt men
de winst negatief, dan is het verlies positief.
Bij de voorstelling der getallen wordt de negatieve toestand
aangeduid door vóór het getal het teeken — (lees: min) te plaat-
sen, en de positieve toestand evenzoo door het teeken -f- (lees:
plus) aangewezen. Het teeken -f wordt echter niet zelden
weggelaten.
Zoo beteekent — 4 gld. winst, vier gulden verlies; — 4 graden
boven het vriespunt, vier graden beneden het vriespunt.
— 4 en zijn tegengestelde getallen.
— en +6 zijn getallen in tegengestelden toestand. De waarde
van een getal, afgezien van het teeken, heet zijn volstrekte waarde.
Met deze volstrekte waarde worden rekenkundige getallen be-
doeld , daar in de Rekenkunde niet gelet wordt op den toestand,
waarin de eenheden der getallen kunnen voorkomen.
§ 3. De wetenschap, die zich bezig houdt met de eigenschap-
pen der getallen, wier eenheden of in alle opzichten gelijk zijn
of samengevoegd elkander kunnen opheffen, is Algebra.
Die getallen noemt men algebraïsche getallen.
Algebraïsche getallen worden dikwijls met letters voorgesteld.
Zoo kunnen a, b, c, d enz. ieder op zich zelf elk getal, het zij ge-
heel of gebroken, positief of negatief, beteekenen.
§ 4 -fa beteekent hetzelfde als a, doch — a beteekent het
tegengestelde van de waarde, die men aan a toekent.
Als men in het getal ± a de letter a vervangt door de waarde
± 4, dan schrijft men die waarde tusschen haakjes; aldus: ± (± 4').
Wij hebben nu volgens het voorgaande, dat
+ (-1- 4) beteekent -f 4,
+ (- 4) » - 4,
- {+ 4) » - 4,
_ (_ 4) » +4.
§ 5. Om een veelvoud of een deel van de waarde eener letter
aan te duiden, schrijft men links van de letter hetzelfde getal,
waarmede in de Rekenkunde zulk een veelvoud of zoo'n deel wordt
aangewezen. Dat getal heet dan een coëfficiënt. Zoo beteekent
3 a driemaal de waarde van a; | a, het vierdedeel van de waarde