Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
70 Ferkl. van TAFELÜ L.I en L<II. Over de ware Straalbuiging,
Tafel XX A- is naar ons inzien eene allezins gemakkelijke en naauw-
keurige Tafel; daar echter anderen hierin met ons van denkbeeld
verschillen, en de voorkeur geven aan de Tafels, die ons de ver-
effening, voor Barometer en Thermometer, onmiddellijk in seconden
doen kennen, hebben wij dergelgke Tafelen overgenomen uit het werk
van GUEPRATTE, Problèmeg d'Astronomie Nautique et de Navigation,
3'edit., pag. 6 en 7 , en deze Tafelen, in dezen druk, geplaatst
onder LI en LII.
Deze Tafels LI en LII bepaaldelijk dienende om de middelbare straal-
buiging, van Tafel XX, door het toepassen van twee grootheden,
onmiddellijk tot de ware straalbuiging te brengen, hebben twee argu-
menten of ingangen, namelijk de hoogte van liet hemelligchaam en in
de eene de hoogte van den Barometer en in de andere de hoogte van
den Thermometer. De Barometer wordt uitgedrukt iii millimèters en
Rijnlandsche duimen. De eerste rij in het hoofd en aan den voet der
Tafel LI zijn millimèters , waarvoor telkens 700 en bij de laatste negen
800 gesteld moet worden; de tweede rij boven en beneden zijn Rgn-
landsclie duimen en decimale deelen derzelve. Bij den Thermometer
zijn de centigradige vérdeeling en de verdeeling van fahrenheit opge-
geven. In de eerste rij boven en beneden zign de centigraden, terwijl
de daaronderstaande tweede rg van vakjes telkens de overeenstemmende
graden bevatten naar fahrehheits verdeeling. Is de hoogte van den
Barometer of Thermometer in eene der bovenste horizontale kolommen of
rijen te vinden, zoo worden de grootheden der beide Tafels afgetrokken
van de middelbare refractie uit Tafel XX te bepalen; zijn die grootheden
integendeel in ééne der twee benedenste horizontale rijen vervat; zoo
moeten die grootheden bijgeteld worden. Past men deze Tafels toe op
Tafel XXV, zoo moeten deze teekens van — en + omgekeerd tcorden,
of, is de aanwijzing van Barometer of Thermometer in de bovenste
rijen te vinden, zoo telt men alsdan de getallen bij, en omgekeerd zijn
dezelve in de benedenste rijen begrepen, zoo trekt men dezelve af, bij
of van de getallen van Tafel XXV.
3 Foorh. Stel, men heeft 24° schijnbare hoogte, de Barometer
wijst aan 740™"° en de Thermometer 24° C.; vrage de ware straal-
buiging ?
Tafel XX geeft voor middelbare straalbuiging ... 2' 10'',2
Tafel LI geeft voor 24° hoogte 740"™ van den Barometer — 3 ,5
Tafel LII geeft voor 24° hoogte en 24° van den Thermometer— 6 ,5
dus de w^are straalbuiging.......=2' 0'',2.
4 Foorh. De schgnbare hoogte is 19° 3', de Barometer wees bij de
waarneming 28^,3 Rijnlandsche maat, en de hoogte van den Ther-
mometer was 43°,0 fahrenheits verdeeling; vrage de ware straal-
buiging?
Tafel XX geeft voor 19° 3' hoogte als straalbuiging . . 2'47",3
Tafel LI » » 19.3 » en 28'',3 Barometer . . — 4 ,4
Tafel LII » » 19.3 » en 43°,0 Thermometer . -f- 2 ,5
derhalve is de ware straalbuiging.......=2' 45'', 4.