Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
C4 Verklaring van TAFEL. XVII. Kimduiking.
k = 0,92 X 1/ — X
r sin. 1"
no / A 1 0,92 1
= 0,92 X 1/ — X —= X —r- X i/ /e.
" ^ r stn. 1" V è'" ^
Stellen wij ^^ X =C, zoo is log. A= log. C + ^ log. A,
de formule , waardoor wij de getallen der Tafel berekend hebben.
Volgens de opgave van Tafel XLIV is r = 6366411 ellen,
verder is log. 0,92 . . . . = 1,9637878
log. ir = 6,5028646
2)-
„ r) = 3,2514323
» sin. 1" = 4,6855749 (uit TafelIV)
7,9370072 . . 7,9370072
— 8,0267806
of 2,0267806 is de log. van C.
Wil men nu de kimduiking voor eenige hoogte h bepalen, zoo ver-
meerdere men log. C met ^ log. A; byv. de kimduiking voor 11 ellen
is: log. 11 = 1,0413927
2)-
i log. 11 = 0,5206963 log. (l/ 11)
» C = 2,0267806
2,5474769 is de log. van 352,75; dus is de kim-
duiking voor 11 ellen 352",75 = 5'52",75. In de opgaven der Tafel
hebben wij ons alleen tot tiende deelen van seeonden bepaald.
Het zg verre, dat de invloed der refractie op de kimduiking altgd
juist acht honderdsten zal zijn; in de zamenstelling der Tafel kan men
echter alleen van eene gemiddelde straalbuiging gebruik maken, van-
daar, dat deze voor de Tafel is aangenomen; hetgeen echter dan ook
ten gevolge heeft, dat men de grootheden der Tafel niet anders dan
als van eene gemiddelde waarde kan aannemen. » Men behoeft" (zegt
AHAGO met alle regt) »slechts de oogen te wenden naar de opkomst der
» hemelligchamen , om te beseffen , iioe ver deze gemiddelde uitkomsten
» of opgaven der Tafel dikwerf van de ware verwijderd zijn." Eerst sedert
kort heeft men zich voornamelijk onledig gehouden met het onderzoek,
hoe veel de ware kimduiking somtgds van die der Tafel onderscheiden
is, Basill hall, parrt, gaottier en anderen hebben vele waarnemin-
gen te dien aanzien gedaan, en dikwerf gevonden , dat de ware kim-
duiking 2 tot 3', en andere zelfs nog meer, met die der Tafelen
verschilde (*).
Is de temperatuur der zee hooger dan die van den dampkring, zoo
zgn de kimcluikingen der Tafel iets te klein, en omgekeerd te groot.
Verschillen de temperaturen 4 of 5°, zoo kan de feil der kimduiking
van 0,9 tot 1,9 el hoogte wel 3 tot 4' beloopen; is het verschil der
(*) Connaissanc» des temt, 1827, p. 816.