Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ferkl. van TAFEL XV. Verandering, in 12" voorgevallen. Gl
Als men steeds liet tweevoudige der getallen van Tafel XIV neemt,
kan men Tafel XV ontberen; bijv: Tafel XIV geeft voor 24" voor
3" en 3». .. 22',5 of 22'30'' en dus voor 12". . . 22'30" x 2 = 0° 45'.
Het is echter nog gemakkelijker van den gegeven-tijd, in dit voorb.,
3", het tweevoudige en dus voor 3" x 2 of 6" het evenredige deel uit
de Tafel te nemen. Moet Tafel XIV bij een tijdverloop van 6"gebruikt
24
worden, zoo vermenigvuldige men den tgd met 4, want enz.
TAFEIi XVI. Verbetering, dienende om de zons
onderrands geschotene hoogte tot de ware en
schijnbare hoogte te herleiden.
Deze, door ons berekende en zamengestelde Tafel, heeft ten doel;
ten eerste, de zons schijnbare middelpunts en ten andere de ware
middelpunts hoogte op eene gemakkelijke wijze uit de gemetene hoogte
af te leiden; tot liet eerste diene de tweede en tot het andere punt de
volgende kolommen der Tafel. De twee eerste rijen, in het hoofd der
Tafel, bevatten de hoogten, in meters of ellen en rijnlandsche voeten
en decimale deelen, die de waarnemer boven het oppervlak der zee
verheven kan zijn; de eerste kolom geeft de onderscheidene zons on-
derrands geschotene hoogten; met deze geschotene hoogte en hoogte
van het oog boven de zee, bepaalt men: uit eene der kolommen een
getal, dat hij de geschotene hoogte gevoegd wordt, en de som is de zons
ware middelpunts hoogte; vermeerdert men vervolgens deze som nog met
eenig getal, dat men voor de geschotene hoogte uit de tweede kolom kan
hepalen, zoo is de som, die men dan verkrijgt, de zons schijnbare
middelpunts hoogte.
De getallen dezer Tafel, dienende voor het vinden der schijnbare en
ware hoogte, bestaan: 1° voor de vereffening der schijnbare hoogte,
in de tweede kolom, uit eene zamenvoeging der straalbuiging en het
verschilzigt voor de hoogte : 2° voor de ware hoogte: uit eene vereeni-
ging der kimduiking (uit Tafel XVII), der straalbuiging (Tafel XX), van
het verschilzigt (Tafel XXI) en der zons halve middellijn , steeds gelgk
16' gesteld. De Zons halve middellijn is veelal iets grooter of kleiner
dan 16'; dit meerdere of mindere hebben wij voor elke maand aan deu
voet der Tafel opgegeven , en door de teekens 4- of — aangetoond , of
die verbeteringen, bijgeteld of afgetrokken moeten worden, bij of van
de getallen der Tafel. Deze vereffening voor de halve middellijn, of dit
meerdere of mindere dan 16', kan met meer naauwkeurigheid uit Tafel
XIX , en nog naauwkeuriger naar den Almanak opgemaakt worden.
De derde kolom bevat de vereffeningen voor nul hoogte van het oog,
zij dient gevolgelijk voor de Zons-hoogten, als dezelve zijn waargeno-
men door eenen artificielen horizon of kunst-kim, waarbij alleen de
vereffeningen van halve middellgn, straalbuiging en het verschilzigt
in aanmerking komen.
Stel, men heeft 16° Zons onderrands hoogte, en men is 6,5 el, of,
dat hetzelfde is, 20,7 voet hoog boven de zee; zoo vraagt men de ver-
effeuingca uit de Tafel te bepalen. Onder 6,5 el, of 20,7 voet, vindt