Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
37 F'erklaring van TAFEL TII. De Schuinsche KoertreJtening.
Tafel Vin geeft voor 82° hreedte en
voor 100' afwijking 117',9 lengte
20 » 23,6 »
1 » 1,2 »
0,8 > 0,9 »
121',8 geeft 143',6 »
of 2° 23' 36" = veranderde lengte om de oost
5. 35. O = afgevarene lengte oost
dus 7° 58' 36" = de hekomene lengte oost.
Daar nu de veranderde hreedte en afwijking hekend zijn, zoo
kunnen de koers en de verheid, door het berekenen van eenen drie-
hoek, of ook, zoo als gewoonlijk, door het getal K bepaald worden:
130,6 {121,81 0,933 = Tang. K; deze geeft tot koers 3J streek of
43° 36' beoosten het zuiden, «ijnde Z. O. ten Z. | O. Dewijl de ver-
anderde breedte en afwijking grooter zyn dan de grootste dezer termen
van de Tafel, zoo neemt men de helft van de veranderde breedte;
deze helft is 65',3 en dit geeft, in de gevondene 3^ streek, tot halve
verheid 90'; de algemeene verheid is derhalve 180' of 45 mijlen.
Van Tafel VII en VIII wordt ook gebruik gemaakt in die soort van
zeevaartkundige berekening, welke den naam draagt van verbeterde
koers~ en verheids - rekening; het volgende voorbeeld kan hierin tot
opheldering dienên.
Van 49° 20' N. breedte wordt, naar gissing O. N. O., 40 mglen ge-
zeild; aldaar hoogte nemende, bevindt men zieh op 51° 6'N. breedte;
er wordt nu gevraagd of de breedte, die men met den koers en de ge-
zeilde verheid kan verkrijgen, overeenstemt met de waargenomenc
breedte, en zoo niet, wat dan eigenlijk de gezeilde koers en verheid
is, die men dan verbeterden koers en verheid noemt, alsmede, waar
men het bestek in de kaart moet stellen?
Op de 6'^° streek (=0. N. O.) vindt men, naast 40 mylen verheid,
voor afwijking 37 mylen,
Afgevarene breedte . . = 49° 20'
vertrouwde hekomene breedte = 51. 6 of waargen. middags-breedte,
dus de veranderde breedte = 1° 46' = 106' = 26,5 mgl.
De verbeterde koers wordt weder door meergemelde Tang. K. aldus
bepaald:
- 37 afwijking, _ _ ^ ^^^^ ^^^^ ^^^^^
26,5 verand. breedte,
N. O. 5 O.
Naast de afwijking, zgnde grooter dan de veranderde breedte, vindt
men voor verheid 45 mijlen. Het antwoord op de voorgestelde vraag
is dus: de verbeterde koers en verheid is N. O. J O. 45 mijlen, en
het bestek komt op 51° 6' N. breedte en 37 mijlen oost van den afge-
varen' meridiaan.
Ofschoon de op pag. 36 verklaarde wijze, om eenen koppelkoers
op tc lossen, veelal dc ccuigc is, die men op zee volgt, zoo is dezelve