Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
190 Iets over den tijd in het algemeen en deszelfs herL in het hij zonder,
l)cvvcj»ing van de linker- naar de regierhand. De meridiaan van eenige
!)laats der aarde is een cirkel-vlak, dat door de polen gaande, in
iet onbegrensde wordt gesteld voort te gaan. Als men zich nu een
meridiaan-vlak aan een der hemelligchamen voorstelt, zoo zal, na eene
volbragte omwenteling der aarde, dit zelfde meridiaan-vlak zich weder
aan dat hemelligchaam bevinden. Het verloop van tijd van twee op
elkander volgende doorgangen van een' cn den zelfden meridiaan door
het zelfde hemelligchaam wordt etmaal of dag genaamd. Dit is dc
éénheid of grondmaat van den tijd in het klein, en het is over bekend
<]at de onderdeden van deze tijdmaat of het etmaal, iiren^ minuten^
seconden, enz. genoemd worden. De aarde wentelt mede om de zon;
de tijd van eenen volkomen omloop der aarde om de zon wordt
genoemd; het is de éénheid van den lijd in het groot; honderd zulke
omloopen noemt men eeuw; zijnde de grootste, tot nu toe, iu gebruik
zijnde tijdkring of lijd-maat; verder wordt het jaar in sai zoenen ,
maanden en iveken verdeeld.
Bij elke omwenteling der aarde komt het hemelligchaam tweemalen in
elk meridiaan-vlak, namelijk eens aan den boven en eens aan den be-
neden meridiaan; dit geeft aanleiding, dat men twee tijdstippen heeft ,
van welke men de dagtelling ])cginnen kan, te weten van het oogen-
l)lik, dat zich het hemelligchaam aan den boven- of aan den beneden-
meridiaan bevindt: de sterrekundigen , als mede onze Zeemans Almanak-
ken , beginnen hunne telling van den boven meridiaans doorgang of van
het oogenblik van den middag, terwijl in de burgerlijke zamenleving,
die telling twaalf uren vroeger eenen aanvang neemt, namelijk op het
oogenblik, dat het hemelligchaam door den beneden-meridiaan gajtt,
zijnde het oogenblik van middernacht. Is het hemelligchaam, van welks
doorgang wij tot hier toe gewaagden, eene vaste ster, zoo is het ver-
loop van lijd, tusschen twee doorgangen , voor de aarde een sterren-dag ;
is hetzelve de zon, zoo noemt men dat verloop van ii^d een zonne-dag,
Verder is sterren-tijd de deelen van eenen sterren-dag, en zonne-tijd
de deelen van eenen zonne-dag. De zeelieden noemen den zonne-lijd
dikwerf waren-tijd, terwijl de Engelschen denzelven schijnbaren-tijd
{apparent time) heeten.
De zon volbrengt haren schijnbaren loop om de aarde in den lijd
van één jaar; terwijl dus de aarde hare dagelijksche omwenteling vol-
brengt, vordert de zon eiken dag ^Jj gedeelte van haren geheelen loop-
baan van het westen naar het oosten. Als derhalve dezelfde meridiaan
tot liet zelfde punt des Hemels, of dezelfde vaste ster is terug gekeerd,
zoo is die meridiaan nog niet weder aan de zon, dewijl de aarde, ge-
durende derzelver omwenteling iels is voortgegaan; de aarde moet dus
nog iels meer omwentelen, om denzelfden meridiaan weder aaii dc
zon te doen komen. Hier uit volgt dan, dat een sterren-dag iets klei-
ner is dan een zonne-dag. Dezelfde ster komt dus iels eerder aan den
meridiaan dan de zon; deze vervroeging, versnelling der sterren ge-
naamd, is dagelijks nagenoeg 4'"; komt derhalve eene ster op eciien
zekeren lijd te gelijk met de zon in den meridiaan , zoo zal dezelve
den volgenden dag 4'" vroeger in den meridiaan komen, na iwee dagen
bedraagt die vervroeging 8"', en op de/.c wijze telkens met 4'" toene-
mende, zal nu één jaar die versnelling den geiicelen omliek of één dag