Boekgegevens
Titel: Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Auteur: Swart, Jacob
Uitgave: Amsterdam: wed. Gerard Hulst van Keulen, 1843
6e, verb. en veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1727 B 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204250
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Sterrenkunde, Zeevaartkunde, Tabellen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van sterre- en zeevaartkundige tafelen; benevens eene uitvoerige verklaring en aanwijzing van derzelver gebruik in de werkdadige sterre- en zeevaartkunde, ten dienste der zeelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ooer het einden van de Lengte door Tijdmeters. 147
men Lij eene sters-lioogte de plaatsen »oor rferere^eMiw^rfaw Tafel XXIV,
alsmede Imt verschilzigt, Tafel XXI, oningevuld laat; ook zoude men
de zons-lioogte zelfs veelal, en met evenveel naauwkeurigheid, door
Tafel XVI kunnen berekenen, en ook des verkiezende de straalbuiging
eerst dan kunnen invullen, als de vereffening voor den Barometer en
Thermometer, die men vooral bij kleine hoogten zoo min mogelijk moet
verzuimen, op de middelbare straalbuiging is toegepast. Voor de in-
vulling bij eenen sters uurhoek, zie men bladz. 126 en 127 van dit
werk. Eindelijk is het duidelijk, dat men, in het Tafeltje van boven-
genoemde Tabellen voor de opgaven en lengten door de Tijdmeters, niet
meer kan invullen, dan men Tijdmeters heeft.
TAFEIi XXXVI. Verbeteringen voor het veranderen
in den gang van eenen Tijdmeter.
Indien men aanneemt, dat de verandering van den gang van eenen
Tijdmeter eene regelmatige vergrooting of verkleining heeft, kan men,
bij naauwkeurige waarnemingen, bij de bepaling der lengten, ook op
deze veranderingen acht geven. Dien invloed gemakkelyk te bepalen ,
is het eigenlijke doel dezer Tafel. Nemen wij, bgv., aan, dat, den
Januarij, zeker Tijdmeter 3" 8™ 12» aanwees, en dat de middel-
bare tyd toen I^G^IO' was, dus deze Tgdmeter vóór 2"2"2'; stellen
wij verder, dat de dagelgksche gang van dien Tijdmeter toen volgens
waarnemingen bleek te zgn — 3%8. Nemen wij nu verder nog aan,
dat men, den 15''°°, in eene haven zijnde, op nieuw gelegenheid had,
dien zelWen Tijdmeter, omstreeks den zelfden tijd, waar tc nemen,
en dat hij alstoen vóór was 2" 2°* 45',2; dan heeft men:
den vóór . . . 2" 2» 2'
» 15 » ... 2. 2. 45,2
dus in . 9 dagen . . . 43',2 vóór geloopen.
43' 2
Volgens deze zou de dagelijksche loop gelgk zgn aan ~~ = — 4',8, en
y
zoo men deze beide waarnemingen volkomen vertrouwen schenkt, blijkt
het, dat de gang des Tydmeters van — 3',8 op — 4'.8 gekomen is.
Men heeft dan nu twee opgaven van den dagelgksehen gang des Tyd-
meters, namelijk ééne, bepaald op den zijnde 3',8, en eene andere,
volgens de waarnemingen van den 15^®°, zynde geUjk 4',8; uit eene
vergelgking derzelve blgkt, dat de gang des Tgdmeters eene vergrooting
heeft ondergaan. Of die vergrooting in eens of allengskens bg dagelijk-
sche en gelgkmatige toeneming heeft plaats gehad, is iets, dat, zonder
meerdere gegevens, niet te beslissen is. Wij willen, om. deze Tafel
in toepassing te doen kennen, veronderstellen, dat de Tijdmeter eene
dagelijksche vergrooting in gang heeft ondergaan eu door hulp der Tafel
wordt dan gemakkelgk gevonden : 1° hoe veel die dagelijksche verandering
in den gang is, en 2® voor eene lengte, tusschen den 6'^''° en 15^""
door den Tijdmeter gevonden, voor die verandering in den gang, eene
kleine verbetering voor die lengte bepaalt.
Nemen wg aan, dat die verandering in den gang van — 3',8 tot
op — 4»j8 dagelijks regelmatig heeft plaats gehad. Noemen wij dia