Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE GMJSAARD. 4i
tiissclien di'Ie kinderen, die, even als liij, bezig waren met
liet maken van kleine'bonte"teenen korfjes
' Dit kleine gezelschap gegroet hebbende, verzochten zij
verlof onï het onweder hier te mogen laten overgaanj
»Van harten gaarne," antwoordde dc oude en deed hen
op eene bank plaats nemen. » God zendt dit onweder ter
bekwamer tijd," vervolgde hij. »Het land dorstte naar
regen, "VVij zullen eenen voordeeligen oogst hebben en eea
overvloedig ooftjaar.
De heer O... vraagde hem, of hij landerijen en tuinen
had?
»Het wilgen-bosch is mijn akker," antwoordde de ondej
«n de gehecle vlakte mijn tuin. Ik heb op de wereld niets,
dat ik het mijne zou kunnen noemen, uitgezonderd deze
kinderen, die mijne dochter mij nagelaten heeft."
De heer O... vraagde verder, of hij altoos het hand-
werk gedreven had, dat hij thans met zijne kinderen bij
der hand had?
»Neen," was liet antwoord van den ouden; »eerst se-
dert mijne oude armen de spade niet meer hebben kunnen
behandelen, heb ik dit werk weder aangevat, In mijne
jeugd heb ik deze kunst van mijnen vader geleerd, die
dezelve insgelijks beoefende, toen hij grijs en magteloos was ge-i
worden. Deze arm zwartide in vorige dagen de sabel; than»
wordt hij reeds door den ligtsten arbeid vermoeid."
»Gij zijt dan soldaat geweest, bravo oude?" sprak d^
heer O...
»En wel huzaar," was het antwoord. »Den ganschen
zevenjarigen oorlog heb ik, onder den braven Ziethen bij^
gewoond. Dat was een man! die beminde ons als zijue
kindereu I" : 1
Dit