Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
3o DE RIJKE MAN.
)) Zes jaren liaci ik in dezen gelukkigen staat geleefd,
toen mijne bezigheden mij naar Londen riepen, alwaar ik
eenige maanden vertoeven moest. Het was de eerstemaal na
mijn huwelijk, dat ik mij zoolang van mijne familie ver-
wijderde: Mijn verlangen naar haar was buitengewoon,
en ik had weinig genot van de vermakelijkheden dier
wereld-stad. Ik was niet opgeruimd, en het scheen alsof
mij een zwaar pak op het hart lag,"
»»Op zekeren dag ging ik Neu^gafe voorbij, daar men
juist toestel maakte , tot het ophangen van eenige struik-
roovers. Ik had niet den minsten lust om bij dit akelige
tooneel te vertoeven, doch toevallig in het gedrang hoe-
rende, dat één van hen een Duitscher was, trachtte ik no-
pans denzelven eenige nadere berigten in te winnen. Maar
verbeeld u mijne verbaasdheid toen ik den naam van onj
VIER hoorde, den naam van den man, dien mijn voorma-^
lige heer mijnentwege onterfd had. Een oogenblik nog-
tans hoopte ik, dat hij een ander zou zijn; maar toen ik
mijne oogen op het schavot rigtte , stond dezelfde man op
de ladder, op wiens bestorven aangezigt ik maar al te
duidelijk de mij welbekende gelaatstrekken erkende."
»»Bij deze verschrikkelijke ontdekking was ik als van
den donder getrofi'en. Ik vloog naar huis, zonder te we-
ten , wat ik deed en wat er met mij gebeurd was. En naauj
"welijks van den eersten schok eenigzins hersteld, ontving
ik eenen brief van mijne echtgenoote, waarin zij mij
schreef, dat onze dochter aan de scharlakenkoorts lag, en
zich de eerste verschijnselen dezer ziekte mede aan ons
zoontje openbaarden. Zij bad mij gerust te zijn, en het
beste te hopen."
C »»Dit