Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
3o DE RIJKE MAN.
zijnen kompagnon bij zicb roepen , dien bij aldus aansprak:
» » Ik zal niet lang meer leven j ik wil dus nog dezen
dag mijn' uitersten wil maken , en u tot mijnen eenigsten
erfgenaam benoemen. Gij verdient zulks ; want gij hebt
het mijne met getrouwheid bestuurd en tienvoudig verme-
nigvuldigd. In uwe handen is hetzelve wel vertrouwd ,
en ik behoef niet te vreezen, dat mijne, met zoo veel slo-
ven, verkregene bezitting, na mijn' dood ligtvaardig ver-
spild zal worden. Mijne zusters kinderen zijn uitgesloten.
Zij hebben zich niet naar mijne verkiezing gelieven te
schikken, en ik houd mij overtuigd, dat zij zich over
mijnen dood verheugen zullen. Van deze vreugde zal ik
ze berooven.""
»Al deze bijzonderheden weet ik grootendeels van den
heer adams zeiven. Hem voor eenige jaren een bezoek ge-
vende, ontsloot hij zijn hart ganschelijk voor mij. Tot dit
gedeelte zijner geschiedenis gekomen zijnde, riep hij uit:
»»Ik ongelukkige! ik meende bij deze ontdekking het top-
punt des geluks bereikt te hebben , en ik vermoedde niet
dat mij juist iu dat oogenblik een gevaarlijke strik ge-
spannen werd." "
»u Mijne bezigheden," vervolgde hij, » noodzaakten mij,
terstond na deze ontmoeting, tot het doen van een reisje,
hetwelk ik echter vroeg genoeg hoopte ten einde te bren-
gen om mijnen vriend nog in het leven te vinden. Dan
de hemel had het anders besloten. Mijne bezigheden hiel-
den mij langer op dan ik verwacht had j hij stierf en
eerst eenige weken na zijnen dood , kwam ik weder tehuis,
om bezit te nemen van mijne erfenis.""
» » De naaste bloedverwanten van mijn' overleden vriend ,
waren een neef en eene nicht, die, ik weet niet waardoor,
zich zijn ongenoegen op deu hals gehaald hadden. Misschien
wa»