Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
HET AVONTtlUR. 161
rijne morsige onderdanen de sierlijkst nilgedosle lioveliügen ,
en zijn zetel de troon der wereld was.
Toen nu ook deze plegtiglieid geëindigd en de hoofdman
weder in zijne hut nedergezet was, ging alles rusten. Ieder
legerde zich, waar hij stond j de mecsten kort hij het
vuur, eenige in lage hutten of kleine tenten, sommigen
ook onder de boomen. De Heer O... en zijne kindereu
kregen door de zorg van hunnen beschermer eene der ge-
vlochlene hutten, en eenige vellen om daarop te liggen
en zich daarmede te dekken. De vermoeijenis van den
dag en nog meer de woelige vrolijkheid van den nacht^
waarvan zij getuigen geweest waren, veroorzaakten, dat
de jonge lieden zeer naar rust verlangden , en dat zij , het
ongewone van hunnen toestand vergetende , spoedig de
oogen sloten j en zoo zorgeloos sliepen, alsof zij in hun
bed lagen. Maar hun vader overwon den slaap en waakte
voor zijne kinderen tot de dag aanbrak en het oog van deä
morgen het woest verward tooneel verlichtte.
DE GEBROKEN WAGEN.
Zoodra de zon opgegaan was, ontwaakte oök de zwart
bruine schaar, èn begon met veel gedruisch hun lui dag-
werk. De Heer O... maakte zijne kinderen wakkeren
ging met hen op reis, nadat hij eerst naar den weg
vernomen, den troep voor hunne vriendelijkheid bedankt
en een handvol geld onder hen uitgedeeld had, waarvoor
hém groot en kleiu met zegenwenschen overlaadde.
h Z^