Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
nr:T AA ONTTIUR. I!>5
werd pene prooi der eenden en ganzen j die in de heek
zwommen.
Een klein geschenk , voldoende om een nieuw mandje
tc koopen , stilde de tranen van liet arme kind , en toen de
reizigers heen gingen, volgden hen nog lang de zegenwen*
sehen der moeder en hare kinderen.
Nadat de kleederen van TIIEODOOR gedroogd waren , ver-
volgden zij hunnen weg. Zij lioopten hinnen weinige uren
een dorp te hereiken, maar zij w'aren reeds zeer lang
door het digte hosch gegaan en zij zagen nog steeds geen
dorp, noch eenen uilgang uit het donkere hout. Eindelijk
bragt hen het pad op eene ruime plaats ,'waar gevelde
boomen en stapeU gehakt hout lagen. Zij outmoeteden nie-
mand, cn wanneer zij, van lijd, riepen, kregen zij geen
antwoord, en hoorden slechts hier en daar de stem der
spottende echo.
De zon daalde hoe langer hoe meer, het bosch werd ge-
stafig digter en oneffener, cn het scheen, dat zij, als do-
lende ridders, den nacht onder den blooten hemel zouden
moeten doorbrengen. Eindelijk ontdekten zij weder een
smal pad. Zij besloten dit te volgen en te zien, waarheen
h?n dit brengen zou.
Het begon reeds te schemeren, de avond kwam, en nog
leidde hen het pad steeds door het bosch , opwaarts en ne-
derwaarts , toen zij eene vrouw ontmoeteden. Haar hoofd
was bloot, haar zwart haar hing gedeeltelijk los , gedeel-
telijk gevlochten op ha.ren rug. Zij had een' witten, maar
morsigen doek om hare sclionderen, en daarin zaten of hin-
gen twee kinderen, die zich aan hare armen vast hielden.
Hare kleur was meer zwart , dan bruin , maar hare leest
was niet leelijk, hoewel mager. Hare oogen schenen te
gloei-