Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
i54 HET AVONTUUR.
voels, en met geringe, docli zindelijke Ueederen bedekt,
zij zagen er allen zeer gezond uit, en waren vrolijk en
vriendelijk. Toen zij voorbijgingen, groeltden zij, en bet
meisje vraagde, of de Heeren ook aardbezien wilden koo-
pen ? Zulk een lekker beetje wordt zeldzaam door kin-
deren versmaad. Zij kochten dus de aardbezien, en gaven
haar nog bovendien de overblijfselen van den maaltijd, die
moeder met hartelijke dankbaarheid ontving en in het
ledige mandje pakte.
De arme lieden gingen nu naar de beek , waarover een
balk, met eene half vervallene leuning lag. Allen waren
er reeds over, behalve het meisje, dat nog midden op
den balk stond en naar de vreemdelingen onder de boomen
keek, maar nu werd zij duizelig, gleed uit en viel in het
water.
Bij het gedruisch, door dezen val verwekt, keken allen
om en zagen met schrik het ongeluk van het kind. De
moeder schreeuwde luid, en daar zij niet wist waar zy met
haren last en zuigeling blijven zou, stond zij eenige oogen-
blikken als bewusteloos, ook de overige kinderen waren
verlegen, zagen in het water en schreeuwden. Het meis-
je was dan eens boven, dan weder onder water, cn einde-
lijk fladderden slechts hare blonde haren op het water.
TnEODOOR, die dit het eerst ontwaarde, sprong op, liep naar
de beek, sprong in het water, greep de haren van het
meisje, en bragt haar behouden aan land.
De vreugde en dankzegging der arme moeder waren on-
beschrijfelijk. Het meisje had geen letsel ontvangen, maar
nu het zoo stond, druipend nat, begon het jammerlijk te
schreeuwen , om haar mandje en deszelfs inhoud. Maar
het mandje was weggedreven, en hetgeen er in was,
verd