Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
i48 DE DOODSLAG.
xijn leven eindigde , was in vroegeren tijd eeu braaf ijve*
rig menscli , die trouw ter kerk ging en vlijtig werkte.
Hij bezat eene aardige hofstede, een' fraaijen tuin, en de
beste paarden, Hy beminde zijne vrouw, en had zijne
kinderen zeer lief. Maar uu omtrent vier jaren geleden
kwam een vreemd mensch in ons dorp, zeer beschaafd zijn-
de, die voorheen in krijgsdienst geweest en zeer wei
ter taal , maar ecIiter een landlooper en slecht mensch
wa^ Deze maakte vriendschap met maarten en won zijn
vertrouwen. Eerst bewonderde hij zijne sclioone bezittin-
grn en noemde hem gelukkig omdat hij zoo rijk was.
Hierop zeide hij, «een rijk man, zoo als maarten, behoef-
de niet steeds , als een boer te werken en te zwoegen ; hij
moest integendeel het leven genieten , zoo veel hij kon ,
daar men toch niets in het graf kon medenemen , en hij
een dwaas was, die om den wil van anderen van eenig
genot afstand deed ; anderen moesten ook zien, hoe zij
door de wereld kwamen, enz." En daar deze ondeugen-
de mensch dit alles op eene aangename wijze wist voor te-
dragen , en zijnen vriend maarten op velerlei wijze met
goeden raad bijstond, zoo wist hij hem eindelijk zoo te
betooveren, dat hij niet meer zonder hem leven kon. Zoo
dikwijls hij naar de stad reed, en dit geschiedde thans
veel meer, dan voorheen, nam hij steeds zijnen verleider
mede, die hem daar in wijn- en speelhuizen bragt, en
hem daar, met behulp zijner bekenden, die even zulke
groote schurken waren als hij , het verworven geld afwon.
Allengs werd drinken en spelen bij maarten tot eeue
tweede natuur. Nu verzuimde hij zijne werkzaamheden ,
zijne zaken gingen achter uit, de eene akker werd na den
anderen verkocht, eindelijk ook de paarden, de tuin en
het