Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE BOOM. 5
loen j de ananas, en andere edele rruchlen. Eene liarigo
rups ontdoet zich van liare huid, omkleedt zich met een
sterker harnas, kottit vervolgens j met teedere bonte vler-
ken versierd, uit deze woning ten voorschijn, en doorklieft
met de grootste vlugheid de lucht. De lucht, die ons en
de geheelé aarde omringt, bréngt van lijd tot tijd allerlei
verschijnselen ten voorschijn; water, sneeuw, hagel, blik-
sem en donder; en in al de^c onderscheidene gedaanten
bevrucht zij het aardrijk , of rigt de grootste verwoestin-
gen aan. In den schoot der bérgen wordt de aarde in
marmer, en de duistere steen in de voortreffelijkste meta-
len hervormd. Overal en onophoudelijk betoont zicli de^e
scheppende en herscheppende kracht werkzaam/ Elk oogen»-
blik houdt iets op te bestaan, en iets anders begint té
leven. Alles sterft^ en alles begint wederom te leven. Ook
de mensch wordt eens wederom met het stof vereenigd ^
en het ligcliaam, zoolang gevoed door de voortbrengselen
der aarde , keert wederom lot aarde en bevrucht deh akker,"
»Met. dat al, is er een groot onderscheid tnsschett den
redelijken mensch, en de redelooze natuur. De boomen ,
de steenen én de metalén gehoorzamen, in hunne herschep-
pingen , eenö magtige oorzaak van builen , die ook op de
ontwikkeling en verandering van ons ligchaaih invloed
lieeft, DocU hetgeen in ons denkt en wil , is aan deze
magt niet onderworpen. Of w^ levên of gezond zijn wil-
len hangt niet van ons af, maar wijzer, beter en geluk-
kiger te worden, dat staat binnen ons bereik,"
»Wanneer wij ons van deze magt bedienén , dan ver-
heffen wij ons bov«n de redelooze naltiur , en deze is hel,
waarom de tnenscli de Heer der Schepping genoemd ^ordt."
A 3 HET