Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE t'lTGEWEKENEN.
ti3
Voeg liier iiog een* oiiden knecht hij j die mij nooit heeft
"willen Verluten, en eene meid uit het naburig dorp, dan
hebt gij de geheele familie, die hier zomer en "vvinter
doorbrengt, zeide de gastheer.
En voelt gij dan niet somtijds behoefte, om ook andere
menschen te zien? vrjuig<le de Heer O...
/
Zeer zeker, antwoordde hij, ook mijtle ik den omgang
met menschen niet, maar daar ik niemand in de nabijheid
ken, Züo is mijn verlangen naar verke» ling ook niet groot.
In mijne jaren g:i<jt men niet ligt nieuwe verbindtenissea
aan, wanneer de sclijon-.te en ^vezenlijkste banden, in be-
tere lijden geknoopt, met geweld verbroken y.ijii. Dit zeg-
gende, zuchtte hij en sloeg zijn betraand oog ten hemel.
Het lieve meisje kwam in dit oogenblik bij hem en.
fluisterde hem iets in het oor, hij zag daarop rond en
zeide toen tot den lieer O... : Gij kunt heden uwe reis
niet vervolgen, er, komt een onwtder op, dit zou u over-
vallen 5 en d «ar bij een stortregen het waler in dit geberg-
te spoedig hoog wordt, zoudt gij govaar 1 »)pen. Bovendien
zijt gij vermoeid., en ik verzoek u en uwe kinderen dezen
nacht bij ons te blijven.
De lieer O... n»im dit vrlendel-ijk afmbod aan, want hij
wensclite dezen man nader te lei^ren kennen, die, zoo het
scheen, door lympspucdige lotgevalLn iu deze eenzaamheid
gedreven was.
Dc lucht, die tot hiertoe zoel en stil geweest was, raak-
te nu op eens in eene hevige beweging. De wiiid loeide,
de donder ratelde, de bliksem schitterde, de regen bruisch-
te. Dit duurde tot den avond, toen het onweder bedaarde^
en zij zamen een eenvoudig, doch genoegelijk avondmaal
hielden*
H Do-