Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
117 DE TWEE GELUÏCKIGE DAGEN.
zoodat onze blik en ons hart met vreugde daaraan kunnen
blijven hangen. Ik weet niet of ik u ooit iets van miju'
braven buurman ZEIL AND verhaald heb. Gij hebt hem
immers wel gekend?
O zeer goed, riepen de kinderen. Hoe dikwijls zijn wij
niet in zijne smederij geweest en hebben met genoegen ge-
zien hoe hij het ijzer met de tang regeerde en met den
grooten hamer smeedde, en hoe zijne knechts zijn voor-
beeld volgden. Zijn dootl heeft ons bedroefd, want toen
werd zijne werkplaats gesloten, en vij hoorden niet meer
noch zijnen morgenzang noch zijne bruisende blaasbalken.
Maar wij kunnen ons niet herinneren, dat gij ons iets van
hem verhaald hebt.
Dan wil ik dit thans doen, zeide hun vader. Het is
nog vroeg en wij hebben niets te verzuimen, en hier kun-
nen wij intusschen een uitzigt genieten , dat wij mogelijk
zoo schoon vooreerst niet weder krijgen zullen. Luistert
dan.
Meester ZEILAXD was de beste en ijverigste hoefsmid in
het land. Eer de dag aanbrak , opeutle hij zijne werkplaats,
dra gloeide dan het vuur op de smederij , de blaasbalken
zwoegden, en op drie aanbeelden werd onophoudelijk het
gloeijend ijzer door zware hamers gebeukt. Den geheelen
dag was hij bij het werk, maar als des avonds het vuur
uitgebluscht, en de winkel gesloten werd, dan leefde hij
voor zich zeiven, dacht aan zijne vrolijke dagen, en dan
was niemand vergenoegder en eerwaardiger, dan meester
ZElLAND, de hoefsmid.
Wanneer de avond in den zomer en herfst zacht en hel-
der was , dan zat hij dikwijls buiten zijne deur onder de
hooge noteboomen, die zijn grootvader, ook een hoefsmid,
G 3 ge.