Boekgegevens
Titel: Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Auteur: Jacobs, Christian Friedrich Wilhelm; Meurs, Jacobus van; Veelwaard, D.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1822
Tweede verm. dr
Opmerking: Oorspr. titel: Allwin und Theodor
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1922 H 24
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204232
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Verhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Alwin en Theodoor: of Geschenk van eenen vader aan zijne kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE VRIJHEID. Si
zoo bükeiul op hetzelve, alsof ik er maanden lang gewoond
had. Na twee dagen gingen wij onder zeil,"
)>Ik zou verscheidene dagen noodig hebben , als ik u al
mijne reizen w^hle verhalen. Ik heb ean groot deel van
onze aarde gezien. Zesmaal ben ik naar Oost-Indien geva-
ren ; verscheidene reizen naar Amerilca^ om niet eens
van kleine tusschenreizen te spreken. Ik heb vele moeije-
lijkheden en groote gevaren uitgestaan, maar nooit heeft
mij mijn besluit berouwd. De hemel heeft mijne onderne-
mingen gezegend, en hoewel ik alles , wat ik bezat, ver-
loren heb, zoo ben ik daardoor echter niet afgeschrikt. Ik
ben op zee meer inheemsch, dan op het land, en ik wil
ßlechls nog eens mijne geboorteplaats zien , de mijnen be-
zoeken en dan op de zee terugkeeren."
Na eene korte poos, ging de vreemdeling dus voort:
»De vriendelijke Hollander , in wiens dienst ik mijne
nieuwe loopbaan begonnen had, was een verstandig, goed-
hartig en braaf man. Vijf jaren was ik bij hem, en gedu-
rende dien tijd heeft hij mij steeds als een liefderijk
vader behandeld; ja, als ik eens als een eerlijk man met
een goed geweten voor God zal kiinnen verpchijnen, dan
heb ik dit vooral te danken aan zijn opzigt, zijne lessen en
het deugdzaam voorbeeld, dat hij mij en al de zijuen gaf.
Dewijl ik mijn werk met lust en ijver verrigtte, steeds bij
de hand was, goed schrijven en rekeuen kon, zoo had hij
mij gaarne bij zich, er> bediende zich van iedere gelegenheid
om mij iets nuttigs te leeren. Zijn geduld was zoo onuit-
puttelijk als zijne goedheid. Ik had ook miju leven vobr
hem gelaten, en nooit is mij iets smartelijkers gevallen,dan
liet afscheid van dezen braven en liefderjjkep hw. Maar
nadat hij zijn zestigste jaar bereikt had, verliet hij de
E 4 vaart