Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: ingerigt naar de behoefte van onzen tijd
Auteur: Maas, J.P. van der
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1855
Opmerking: 1. Zinsontleding. 2. Woordgronding. 3. Spelling en uitspraak. 4. Woordvoeging. 5. Zinscheiding
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 94-93
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204217
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: ingerigt naar de behoefte van onzen tijd
Vorige scan Volgende scanScanned page
70
wel met zelfst. n.w. als op zich zelf staande gebruikt,
als: die som is mocijelijk. Kunt gij die maken?
Men wachte zich van het overtollig gebruiken van,
die, dat, als: mijne moeder die heeft het gezegd.
Soms echter, wanneer op den genoemden persoon
eene breedere omschrijving volgt, is het gebruik van
het voornaamwoord tot bevordering van den nadruk
dienstig, als: de ondankbare, wien ik zoo veel goed
gedaan heb: wien ik geholpen heb, waar ik kon, die
beloont mij zóó.
328. Deze duidt iets aan dat nabij, ^ewe dat meer
verwijderd is, ais; aan deze en gene zijde der rivier
ook met betrekking tot een zelfstandig naamwoord,
als: Willem en Hendrik zijn van een geheel tegen-
gesteld gedrag; deze {Jf^illem) doet alles, wat zijne
ouders en leermeesters hem gebieden; gene [Hendrik)
iceigert hun te gehoorzamen. Wanneer men van
drie zaken spreekt, die van elkander afleggen, zegt
men van de naaste deze, van de middelste die en
van de verst afgelegene gene, als: ik tcoon in deze
kamer, zij in die en hij in gene. Deze cn gene wor-
den ook dikwerf bijeengevoegd om verscheidene on-
bepaalde dingen van eene soort aan te duiden, als:
ik heb dit uit deze en gene omstandigheden opge-
maakt,
329. Van zaken, en niet van personen sprekende,
kan men voor deze en die ook hier en daar gebrui-
ken, als: ik geef daaraan de voorkeur; dit en dat,
hoewel onzijdig, Avorden bij alle geslachten en ge-
tallen gebezigd, als: dit J^n jraaije boeken; dit
zijn mannen, die ons regeren, liet aanwijzend voor-
naamwoord kan ook achteraan komen, als: de zaak
is deze.
330. Degene, hetgene behooren tot de aanwijzende,
niet tot de betrekkelijke voornaamwoorden. Men mag
dus niet zeggen: het gerucht hetgeen (voor hetwelk)
verspreid wordt, is ongegrond.
331. Dezelfde en hetzelfde bezigt men, wanneer
men te kennen wil geven dat niets anders bedoeld