Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: ingerigt naar de behoefte van onzen tijd
Auteur: Maas, J.P. van der
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1855
Opmerking: 1. Zinsontleding. 2. Woordgronding. 3. Spelling en uitspraak. 4. Woordvoeging. 5. Zinscheiding
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 94-93
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204217
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: ingerigt naar de behoefte van onzen tijd
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
Tweede betrekkei ij k ver Ie den tijd:
ik was ik ware
jij waart
lij was
wij waren
gij waart
zij waren
Toekomende
ik zal
;ij zult
.lij zal
wij zullen
gij zult
zij zullen
Betrekkei ij k
ik zal . a
gij zult
hij zal
wij zullen
gij zult ]
zij zullen
t oe k O

^
s-t
O
<D
tX)
Gebiedend
Enkelvoud, word;
ij wäret
üij ware
wij waren
gij wäret
zij waren
tijd:
ik zoude
gij zoudet
hij zoude
wij zouden
gij zoudet
zij zouden
mende t ij d :
ik zoude
gij zoudet
hij zoude
wij zouden
gij zoudet
zij zouden
N
fl
0)
u
O
¥

wijs:
Meervoud, wordt.
d) Vervoeging van zullen.
Onbepaalde wijs: Deelwoorden:
tegenw. tijd : zullen.
Aan toonende wijs:
ik zal;
gij zult;
hij zal;
wij zullen;
gij zult;
zij 7Aillen.
tegenw.: zullende.
Aanvoegende wijs:
ik zoude;
gij zoudet;
hij zoude;
wij zouden;
gij zoudet;
zij zouden.
zou;
zoud t;
of zou;
zouden;
zoudt;
zouden.