Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Derde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1894 *
21e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 58 : 21e dr. (dl. 3)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204213
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
204. Hoeveel is cle waarde van 217,5 H.L. tarwemeel
tegen 6,5 cent den halven liter gerekend ?
205. Voor 14 K.G. 2 H.G. 5,2 D.G. wordt 35,63 gl.
betaald ; hoeveel kost dan 105 K.G. 39 D.G. van
dezelfde waar ?
206. Een leerlooier kocht eens eene partij huiden, we-
gende 14790 K.G. Voor 't 36 honderdste gedeelte
er van betaalde hij 40 cents per K.G., voor 't derde
gedeelte van de rest 45 cents en voor 't overige
gedeelte 48 cents per K.G. Hoeveel kostte hem
de geheele j^artij ?
207. Een korenkooper kocht van een boer 142,5 H.L.
rogge voor 783,75 gl. Naderhand kocht hij tegen
denzelfden prijs 236,25 H.L. Hoeveel heeft hij
voor de laatste partij moeten betalen ?
208. Een kaaskooper heeft van een boer 180 kazen
gekocht, door elkander wegende 8,5 K.G., en nog
275 kazen, ieder van 7,8 K.G., waarvoor hij in
't geheel 700 rijksdaalders betaalde. Eenigen tijd
daarna verkocht hij die kaas tegen 56 cents de '
K.G., maar bemerkte, dat zij 75 K.G. ingedroogd
was. Hoeveel heeft hij nu aan die kaas gewon-
nen, als hij nog 2,5 rijksdaalder onkosten heeft
gehad ?
209. Voor twaalf balen en 75 K.G. van zekere waar
wordt 995,40 gl. betaald. Als gij nu weet, dat de
K.G. gekocht is tegen 60 cents, kunt gij dan zeg-
gen, hoeveel eene baal weegt ?
210. Een koopman had 48 vaten boter gekocht en ze
later verkocht met 88 rijksdaalders winst. Als zijne
geheele ontvangst toen 1900 gulden bedroeg, zeg dan
eens, tegen hoeveel hij de kilogram had ingekocht.