Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Derde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1894 *
21e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 58 : 21e dr. (dl. 3)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204213
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
26
prijs moeten betalen voor 6 kub. meter 20 kub.
decimeter en 800 kub. centimeter ?
190. Hoeveel zou men moeten betalen voor 75 honderdste
deelen van 25 vat boter, indien men voor 6 H.(t.
75 cents moet geven ?
191. Een boer heeft (2,5 + 0,08) X 1,6 : 0,005 kilogram
zout gekocht. Hoeveel heeft hij daarvoor moeten
betalen, als hij de 5 kilogram gekocht heeft voor
675 duizendste deelen van een gulden ?
192. Als men voor 2,5 K.G. de helft van (87,5 X 0,8)
cents moet geven, hoeveel zou men dan naar dien
prijs moeten betalen voor (1,871 + 12,25 — 1,496)
X 3,6 : 0,05 K.G. ?
193. Indien B. voor 217 H.L. en 7 L. heeft betaald
651,21 gl.; hoeveel zou hij dan tegen denzelfden
prijs moeten geven voor 248 H.L. 8 D.L. en
8 L.?
194. Naderhand kocht hij 504 H.L. tarwe en anderhalf
maal zooveel rogge. Voor 0,25 H.L. tarwe betaalde
hij 1,5 X 1,75 gl. en voor een halven H.L. rogge
een kwartje meer. Met hoeveel heeft hii al dat
koren moeten betalen ?
195. Een fabrikant van wollen goederen heeft de vol-
gende partijen wol gekocht: 800 K.G. tegen 1,40
gl. de K.G., 700 K.G. tegen 1,20 gl. en 1000 K.G.
tegen 1,50 gl. Hoeveel kost hem nu de kilogram,
alles door elkander gerekend ?
196. Een landbouwer heeft een stuk land, 65 D.M. lang
en 4,4 D.M. breed, met haver bezaaid en oogst
52,5 H.L. van de hektare. Hoeveel hektoliter heeft
hem dat stuk opgeleverd ?
197. Van die haver verkoopt hij 't derde gedeelte tegen