Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Derde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1894 *
21e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 58 : 21e dr. (dl. 3)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204213
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
136. Een balk, 7 M. lang, 7 d.M. breed en 6,4 d.M.
ilik, is op de breede zijde in de lengte doorgezaagd.
Hoeveel is nu de oppervlakte der twee balken
samen grooter dan die van den heelen balk, als
men rekent, dat er door 't zagen niets verloren •
gaat ?
137. Als gij weet, dat een H.L. haver 46,2 kilogram
weegt; kunt gij er dan de soortelijke zwaartt-
van berekenen ?
138. Een grutter heeft 5 bakken met meel gevuld.
Twee daarvan zijn ieder 1,2 M. lang, 9 d.M. breed
en 8 d.M. diep: de drie andere zijn maar half
zoo lang en half zoo breed, doch even diep. Zoo
dat meel hem 9,20 gi. den hektoliter kost, voor
hoeveel geld is er dan in die bakken ?
139. Zoo hij dat meel bij de kilogram verkoopt tegen
12,5 cent, hoeveel wint hij er dan op, als 't soor-
telijk gewicht 0,8 is ?
140. Van een rechthoekig trapezium is één der hoeken
60 graden, hoe groot zijn de overige hoeken ?
Teeken eens zulk een trapezivim.
141. De vloer van zekere kamer is 35,75 M. in omtrek.
Hoe breed is die vloer, als hij 9 M. 7 d.M. 5 c.M.
lang is ?
142. Een boer heeft een stuk land in den vorm van een
rechthoek en 5 hectare 62,5 are groot. Als dat stuk
50 dekameter lang is, zoudt gij dan den omtrek
er van kunnen bepalen "?
143. Een rechthoek, 8,4 d.M. lang en 5,4 d.M. breed,
wordt aan alle zijden 16 c.M. ingekort. Hoeveel
is de inhoud van den ingekorten rechthoek klei-
ner dan die van den eersten ?