Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Derde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1894 *
21e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 58 : 21e dr. (dl. 3)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204213
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
128. Als één der hoeken van een rechthoekigen driehoek
28 graden 18 minuten en 24 seconden groot is: hoe
groot zijn dan de andere hoeken?
129. Van een stuk land, dat den vorm heeft van een
rechthoekigen driehoek, is de eene rechthoekszijde
36,5 dekameter en de andere 4,48 D.M. lang. Hoe-
veel is de waarde van dat stuk, tegen 425 rijksdaal-
ders de hektare ?
130. Zoudt gij wel kunnen berekenen, hoeveel stee-
nen men noodig heeft voor 't metselen van een
één steens muur, die 6 M. lang, en 4 M. hoog is, als
elke steen 2,4 d.M. lang, 1,2 d.M. breed en 4 c.M
dik is ?
131. Van een gelijkbeenigen driehoek is de tophoek 24'
29' groot. Hoe groot is ieder der andere hoeken?
132. Een driehoek, waarvan de basis 18 centimeter en
de hoogte 24 centimeter is, heeft denzelfden in-
houd als een rechthoek, die 15 c.M. breed is. Hoe
lang is die rechthoek ?
133. Een andere driehoek, waarvan de basis 32 c.M. is,
heeft evenveel inhoud als een rechthoek, die 36
centimeter lang en 24 centimeter breed is. Hoe
hoog is die driehoek ?
134. Een zilversmid heeft een staafje zilver gekocht,
3,5 decimeter lang, 5 centimeter breed en 4 cen-
timeter dik. Hoeveel heeft hij daarvoor moeten
betalen, als 't soortelijk gewicht van zilver 10,5 is
en hij 12 stuivers voor de dekagram heeft ge-
geven ?
135. Indien men dat staa^e zilver verguldde: hoeveel
zou dat kostén, tegen 1,20 gl. den vierkanten
decimeter gerekend ?