Boekgegevens
Titel: Derde verzameling van rekenkundige voorstellen voor de hoogste klasse der lagere scholen
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1899
15e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 57 : 15e dr. (3e verz.)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204211
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Derde verzameling van rekenkundige voorstellen voor de hoogste klasse der lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
58. Iemand is aan twee personen geld schuldig, en wel
aan den tweeden 60 gl. meer dan aan den eersten. Indien
hij de eerste schuld met 6 gl. verminderde en de tweede
met 6 gl. vermeerderde, dan zou 't verschil tot de som
staan als 2:3. Hoeveel was hij aan ieder schuldig?
59. Iemand belegt zooveel geld in effecten, dat deze
hem jaarlijks 1237,5 gl. zuiver opbrengen. Hij koopt
daartoe pCt. Werkelijke Schuld tegen den koers van
92^8 % ■ 'lij den makelaar '/s "/o courtage betaalt:
hoeveel geld moet hij den makelaar dan ter hand stellen,
als hij ze 1" Januari koopt? (Denk dat er 1 % ^^^^ de
coupon gekort wordt voor de administratie.)
60. Toen de klok 10 uren sloeg, keek ik op mijn horloge
en bevond, dat het zooveel achter was, dat de wijzers juist
boven elkander stonden. Hoeveel ging mijn horloge achter?
61. Iemand neemt op interest 8000 gl. a é®/^ % 's jaars
voor zekeren tijd en nog eene som voor 6 maanden a éV« %•
Zoo hij nu bevindt, dat voor beide kapitalen aan interest
4:23^1^ gl. moet betaald worden en dat 't kap. en de int. van
de tweede som 1646,25 gl. bedraagt: hoe lang heeft dan
't eerste kap. uitgestaan en hoe groot was 't tweede kapitaal ?
W. 1
62. Drie dijkwerkers kunnen eenige M^. aarde ver-
kruien in dag. A. alleen kan 't doen in 24 dagen,
B. alleen in 20 dagen, terwijl C. nog 6 kruiwagens meer
op een dag wegbrengt dan B. Hoeveel M^. aarde zijn er
geweest, als iedere kruiwagen 25 d.M''. bevat?
63. Een boer verkoopt eene koe voor 154 gl. met 10 pCt.
winst. Als hij voor de K.G. S^/aa cent minder ontvangen had,
dan zou hij 5''/o verloren hebben. Hoeveel K.G. weegt die koe ?
64. Twee vetweiders hebben buitenlandsche ossen ge-
kocht; A. 75, B. 120. Bij den invoer hebben zij geen
geld genoeg om de rechten te betalen; maar A. laat een
os achter en krijgt 40 gl. terug; B. laat ook een os ach-
ter, maar moet er nog 32 gulden bij betalen. Op hoeveel
is de waarde van een os gesteld?