Boekgegevens
Titel: Nieuw brieveboek, voor leerlingen van 8 tot 13 jaar, of Beknopte handleiding tot het vervaardigen van brieven en andere in de zamenleving voorkomende geschriften
Auteur: Brug, Steffen Lambert
Uitgave: Harlingen: S. Houtsma, 1862
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 677 H 58
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204200
Onderwerp: Communicatiewetenschap: schrijven
Trefwoord: Schrijfvaardigheid, Brieven, Formulieren (administratie), Voorbeelden (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw brieveboek, voor leerlingen van 8 tot 13 jaar, of Beknopte handleiding tot het vervaardigen van brieven en andere in de zamenleving voorkomende geschriften
Vorige scan Volgende scanScanned page
52
Zij zijn slechts een paar in getal: want voor
het overige vond ik uw werk zeer goed, misschien
is liet beter, dan mijn eigen.
Gij hebt het woord accepteren gebezigd. Is
dat beter dan ons aannemen? Het is bij velen
in zwang, zulke uitheemsche woorden te gebrui-
ken in spreken en schrijven. Maar mijn onder-
wijzer zegt, dat men dit niet moet navolgen, —
vooral niet, wanneer wij in onze taal woorden
bezitten, die de zaak even kort en goed kunnen
uitdrukken. Alleen bij zaken, welke door vreemde
woorden korter en duidelijker kunnen uitgedrukt
worden, heeft men regt, om die te gebruiken.
Verstandige menschen keuren het noodeloos en
overtollig gebruik van vreemde woorden zeer af,
houden het voor dwaasheid, windmakerij, enz.
Eene andere aanmerking is, dat van uwe zes
brieven, drie bij het slot beginnen met „ In hoop".
Wen vervalt er] ligtelijk ongemerkt toe, om zoo
telkens dezelfde woorden te gebruiken. Dit be-
hoort zoo niet. liet behoeft ook geenszins: want
de taal is genoegzaam rijk in woorden, om in
dat opzigt behoorlijk af te wisselen. Mijn onder-
wijzer heeft er ons voor gewaarschuwd, om hier-
tegen op onze hoede te zijn.
Nog een ander gebrek, waaraan wij ons wel
meermalen schuldig maakten, was het gebruik van
al Ie lange volzinnen. Dit geeft moeijelijkheid in
het verstaan, somtijds onduidelijkheid en tegen-
strijdigheid. Tot die fout vervalt men ligtelijk,