Boekgegevens
Titel: Vader Jakob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Auteur: Heijningen Bosch, M. van
Uitgave: Amsterdam: P.R. Otto, ca. 1850 *
53e dr; 1e dr.: Amsterdam, Brave 1806
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 94-109\3)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204175
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vader Jakob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 40 ) •
Die zoo zit te eten,
Hoe moet die heeten?
Jan onverstand.
HENDRIK.
28. MEN MOET GEENE DIEREN
TÉRGEN.
De Heer van het dorp, waar klaas en
antje woonden, hield zwanen. Als de kin-
deren naar fchool gingen, moesten zij de
gracht voorbij, waar de zwanen haar nest
hadden, en dan vonden zij er vermaak in,
deze dieren op allerlei wijze te plagen. Het
blazen en fladderen, dat de zwanen dan deden,
mogten zij graag zien.
Waren dat goede kindertjes?
Eens had ééne van de zwanen jongen. In
zulk een tijd zijn deze dieren zeer kwaad-
aardig, als men te digt bij hen komt. Dat
ondervonden klaas en antje maar al te
wel. Terwijl zij eens die dieren weêr braaf
tergden, kwam eene der zwanen op hen
aanvliegen. Klaas en antje gingen óp
de vlugt; maar, konden zij hard loepen,
no2