Boekgegevens
Titel: Cacographie. Ten gebruike bij het middelbaar onderwijs
Auteur: Cosijn, Pieter Jacob
Uitgave: Haarlem: erven F. Bohn, 1880
3e, onveranderde dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3006
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204170
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stilistiek, Grammatica, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Cacographie. Ten gebruike bij het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
Mija lief jonge, zei de moeder, een braaf kind volgt den raad
zijner onderen getrouw op. Verander toch en word een waardigen
zoon Uws vaders. Maar zóó doorgaande zullen mijne hairen spoedig
vergrijsd en ik van verdriet gestorven zijn. De kwade jongen sloeg
hare woorden in den wind. Wat werd uit hem ? Eenen schelm,
die zijne ouden ten graven sleepte van verdriet.
Een goeden koning is de trotsch zijns volks, een grooten
man de roem zijner medeburgeren, een goeden vriend een steun
in 't ongeluk.
Morphy is een groote schaakspeler, Murphy (de reus) een......?
V. Een eenvoudig burger benijde nimmer de bestuurderen zijner
stad, wier lasten hij niet kent; hij leve daarentegen getrouwelijk
de wetten na en bedenke, dat een onwillig overtreder daarvan
zich zelf en zijn vaderland tot nadeel is, en zelfs een onwillig
overtreder gestraft wordt. — Ridder don Quichotte was en bleef
in spijt van zijne overgrootsche geleerd en belezenheid een zotte.
— Heeft de zwart niet dezelfde rechten als de blank? — Witte
van 't oog schijnt bij veel menschen niet wit, maar wittig. De
moeder drukte 't kind aan haar kloppend hart. — Alleen de wijs
is gelukkig.
Verbuiging.
I. Wees goed moed, als 't U tegenloopt in de wereld ; gelukkig
is geen enkel toestand duurzaam en is 't een alle zin waar woord,
dat op regen zonneschijn volgt. In al geval, zelf als 't ongeluk
U blijft vervolgen tot aan de rand des graf, moet gij bedenken,
dat ü een beter leven wacht, en U ten slot niets treurig, maar
veel zalig zal ten deel vallen. Oefen U alsdan lieverleede in ge-
duld en berust in Uw niet te veranderen lot.
XI. Volgens veler gevoelen (Kern 5 100, 3 A 2) is de aarde