Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
De stengel. 31
deren welke ook na het afvallen der bladeren duidelijk
te herkennen zijn en een grooteren omvang hebben,
naarmate de aanhechtingsplaats van het blad grooter is
(Riet, Bamboe, Rotangpalm). Ook het gelede voorkomen
des stengels, teweeggebracht door zijne verdeeling in
stukken of geledingen, maakt dit deel bijzonder gemak-
kelijk herkenbaar.
1. De bovenaardsche stengel.
De bovenaardsche stengel is in den regel lang gerekt
en cilindervormig. De bladeren die hij draagt, zijn in de
meeste gevallen groen.
Om zijn vorm te bepalen, snijdt men hem dwars
door; men ziet dan of hij rond, halfrond, vierhoekig
of driehoekig is. Naar de geaardheid onderscheidt men
weeke van harde stengels. Weeke stengels zijn gewoon-
lijk tevens sappig en groen, gelijk de Boon, de Erwt
enz. Zoodanige stengels noemt men kruidachtig; in
dien toestand slingeren zij zich dikwerf om andere plan-
ten heen. Ook de boomen en heesters, die overigen»
harde stengels bezitten, vertoonen in den zomer aan het
einde van stam en takken kruidachtige stengels; maar
deze worden tegen den herfst hard en werpen hunne
bladeren dan in den regel af.
Men noemt de harde stengels ook wel houtige, omdat
zij voor het grootste gedeelte uit hout bestaan. Zij zijn
niet groen, maar bruin, wyl zij op het einde van hun
eerste levensjaar door een kurklaag worden omgeven^
die hen tegen de winterkoude beschermt.
De planten met houtige stengels noemt men boomen
of heesters. Boomen hebben een stam, die van boven