Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
Het blad. 16'
Fig. 25'.
links en rechts aan de
bovenzijde der twee
bladsteeltjes gerang-
schikt (fig. 25*).
Meermalen gebeurt
het, dat men bladeren
vindt, die zeer goed
zouden passen bij een
der vroeger vermelde
vormen, wanneer niet
de voet of de top
een bijzonderheid ver-
toonde, die de gedaante
van het blad wyzigde.
In zulke gevallen denkt men die eigenaardigheid voor
een oogenblik weg en past dan den juisten term op het
-aldus gewijzigde blad toe, om daarna een beschrijving
van den top of den voet
te laten volgen. Daartoe
bezigt men de volgende
uitdrukkingen:
P. Voor den top: spits,
gespitst (fig. 26), fijn
gespitst, afgerond,
uitgeschulpt.
2°. Voor den voet: af-
gerond, spits, hart-
vormig ingesneden,
pijlvormig, afloo-
Fig. 27. pend, stengelomvat-
tend, doorgroeid (fig. 27) saamgegroeid en ongelijk
(vgl. bi. 9).