Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
298
Phanerogamen.
De macrosporangiën zijn of elli afzonderlijk (Tasis),
of tot een vruchtaar bijeengevoegd (Den); in het laatste
geval zitten zij ten getale van twee aan den voet van
een houtige schub (vruchtblad) en zijn vergelijkbaar
met zaadknoppen der Angiospermen. De macrospore
is de embryozak, in een zaadknop ontstaan er een
of meer. De embryozak is gevuld met een weefsel,
dat men endosperm (flg. 197, I e) noemt en met
Fig. 198.
Fig. 197.
een 9 prothallium kan vergelijken. Want in dit weefsel
onstaan eenige lichamen (corpuscula), die een on-
miskenbare verwantschap met archegoniën vertoonen
<fig. 197, I en II c). Zoo laten zich bovenaan twee
kleine dekcellen {b) onderscheiden, die aan een hals doen
denken; het overblijvende grootere deel bestaat slechts
uit een enkele verlengde cel (de eicel). De bevruchting