Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Cryptogcmien. 285
germanica), Ribvaren (Blechnum spicant), Koningsvaren
(Osmnnda regalis). — Xiet weinige soorten van tro-
pische varens zijn boomachtig, zoo b.v. Dicksonia,
Alsophila, enz. De stam van Dicksonia antarctica wordt
meer dan 12 meter hoog, de vanen bereiken eene lengte
van om en bij de 4 meter. Haar vaderland is N. Holland
en N. Zeeland. Ook de verwante Cyathea is in den regel
boomachtig gekroond met groote bladen.
2® Onderklasse. Marattiaceeën.
Prothallium bovenaardsch, bladgroenhoudend; sori op
gewone bladen aan den rand of aan de onderzijde. De
jonge bladen spiraalvormig opgerold. Sporangiën zonder
vol vormden ring, zonder indusium, soms in hokken
verdeeld.
Eene kleine plantengroep, die meest tropische soorten
bevat, waaronder boomachtige. Geslachten: A n g i o-
pteris, Kaulfussia, Marattia, Danaea.
3® Onderklasse. OpMoglosseeën {Addertongen).
Prothallium onderaardsch, zonder chlorophyl. Sori
aan vervormde bladen, in welker binnenste zij ontstaan.
Jonge bladen niet spiraalvormig.
De Ophioglosseeën vormen een kleine groep van lage
plantjes. Drie geslachten, O p h i o g 1 o s s u m, Bo try-
c h i u m en H e 1 m i n t h o s t a c h y s; de beide eerste
zijn cosmopolieten, het laatste is tot tropisch Azië en
Australië beperkt. De beide meest gewone inheemsche
soorten zijn Botrychium Lunaria en Ophioglossum vul-
gatum.