Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
vruchten en zaden.
201
De vleugels aan de vrucht van den Eschdoorn zijn
algemeen bekend. Wanneer een deelvruchtje dezer plant
naar de laagte komt, beweegt het zich spiraalswijs,
waarbij het zaad naar beneden is gekeerd. Door die
beweging wordt de val vertraagd, waardoor de wind er
meer vat op krijgt. Eveneens worden de gevleugelde
dopvruchten van den Iep en den Esch door den wind
weggevoerd.
Bij de Linde doet zelfs het schutblad der bloeiwijze
dienst als vliegwerktuig. Hier raakt bij het rijpen der
vrucht de geheele bloeiwijze los,,
en valt al draaiende om haar eigen
as en met de vruchtjes omlaag
gericht langzaam naar beneden
(fig. 154).
Gevederde en harige aanhangsels
aan zaden en vruchten doen zich
veelvuldig voor en bevorderen de
verspreiding der planten in hooge
mate. Verscheidene zaden zijn ge-
heel met haren bekleed, terwijl
Fig. 154. andere weer, maar dan op een
bepaalde plaats, met lange haarbundels of kuiven voor-
zien zijn. Van den grooten rijkdom van vormen, di&
zich op dit gebied voortdoet, kunnen wij hier slechts
weinige opsommen.
Behaarde zaden komen o.a. voor bij onze wilgen, waar
de haren een lange kuif vormen. Bij Anemone praten-
sis (fig. 155, I) en de Alpen-Anemone (Anemone alpina,
fig. 155, II) is aan de rijpe dopvrucht de stijl blijven
zitten. Deze is het die door het bezit van tallooze zil-
verachtig glinsterende haren den vliegtoestel vormt.